LS&R 1517

12 klachten tegen artsen & verpleegkundigen bij behandeling echtgenoot

10 okt 2017, LS&R 1517; ECLI:NL:TGZRZWO:2017:154 (Klachten tegen artsen/verpleegkundigen), http://www.lsenr.nl/artikelen/12-klachten-tegen-artsen-verpleegkundigen-bij-behandeling-echtgenoot

Regionaal Tuchtcollege Zwolle 10 oktober 2017, LS&R 1517; nr. 267/2015; ECLI:NL:TGZRZWO:2017:154 (Klachten tegen artsen/verpleegkundigen) - Afwijzing II 272 - Afwijzing III 268 - Afwijzing IV 269 - Afwijzing V 270 - Klaagster heeft 12 klachten tegen artsen en verpleegkundigen ingediend. De klacht betreft de behandeling van de echtgenoot van klaagster, geboren in 1929 en overleden in 2014. Het college heeft een klachtonderdeel in de zaak 264/2015 gegrond bevonden en de maatregel van waarschuwing opgelegd. De overige klachten heeft het college afgewezen. De belangrijkste klachtonderdelen tegen verweerster luiden: dat zij geen eerlijke informatie heeft gegeven, dat zij heeft gelachen om de blaasontsteking en deze te laat heeft onderkend, de beslissing niet-reanimeerbeleid, terwijl patiënt wel gereanimeerd wilde worden, onvoldoende en onjuiste pijnmedicatie, het versterfbeleid, dat zij zei dat patiënt in het verpleeghuis thuishoorde en niet in het ziekenhuis, dat zij geen zorg heeft verleend aan de afstervende voet, dat zij vergeten is de benodigde medicatie toe te dienen. De klachten worden afgewezen.

LS&R 1516

Doorhaling van inschrijving basisarts in het BIG-register

10 okt 2017, LS&R 1516; ECLI:NL:TGZRAMS:2017:110 (klacht tegen basisarts), http://www.lsenr.nl/artikelen/doorhaling-van-inschrijving-basisarts-in-het-big-register

Regionaal Tuchtcollege voor de gezondheidszorg Amsterdam 10 oktober 2017, LS&R 1516; ECLI:NL:TGZRAMS:2017:110 (klacht tegen basisarts) IGZ verwijt verweerster dat zij zich in de brede zin op het terrein van de huisartsgeneeskundige zorg begeeft, terwijl zij enkel basisarts is en niet als huisarts geregistreerd staat. Ook verleent zij als basisarts zorg die niet voldoet aan de daarvoor geldende normen en volgt zij amper geaccrediteerde bij- en nascholing, is de continuïteit van de spoedzorg niet goed geborgd en is er geen adequate informatie-uitwisseling tussen de basisarts en andere behandelaren van de patiënten. Ten slotte voldoet de dossiervorming van de basisarts niet volgens de inspectie. De klacht wordt gegrond verklaard. Het Tuchtcollege legt aan verweerster de maatregel op van doorhaling van verweersters inschrijving in het BIG-register en legt tevens bij wijze van voorlopige voorziening, een schorsing van verweersters inschrijving in het BIG-register.

LS&R 1515

Vragen aan HvJEU: zijn sigaretten met gementholiseerde bestanddelen verboden onder de Tabaksrichtlijn?

Hof van Justitie EU 13 jun 2017, LS&R 1515; C-439/17 (British American Tobacco), http://www.lsenr.nl/artikelen/vragen-aan-hvjeu-zijn-sigaretten-met-gementholiseerde-bestanddelen-verboden-onder-de-tabaksrichtlijn

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJEU 13 juni 2017, IEF 17183; RB 3003; LS&R 1515; IEFbe 2379; C-439/17 (British American Tobacco). Tabak. Consumentenbescherming. Via MinBuZa: Verzoekster (British American Tobacco GmbH) komt op tegen een beslissing van verweerster (Freie und Hansestadt Hamburg) waarbij haar het in de handel brengen van het product Lucky Strike Click Flow Switch-sigaretten is verboden. Deze sigaretten bevatten een capsule met menthol houdende vloeistof in de filter die door knijpen wordt afgegeven. Met het oog op de inwerkingtreding van bepaalde voorschriften van de wet betreffende tabaksproducten en verwante producten heeft verzoekster zich tot verweerster als de voor haar bevoegde toezichthoudende autoriteit gericht. Verzoekster heeft in haar brief uiteengezet dat met de overgangsbepaling van §47(4) TabakerzG, op grond waarvan het verbod in §5(1) punt 1a TabakerzG, om sigaretten en shagtabak met een kenmerkend aroma in de handel te brengen, pas met ingang van 20.05.2020 van toepassing is, het verdergaande voorschrift als vervat in de overgangs-bepaling van de richtlijn niet correct in Duits recht is omgezet. Daardoor mogen op grond van het verbod in §5(1) punt 1b TabakerzG sigaretten en shagtabak waarbij de menthol zich bevindt in de bestanddelen niet zijnde het eigenlijke tabaksrolletje, niet meer in de handel worden gebracht, zelfs indien op die manier een kenmerkend aroma in de zin van §5(1) punt 1a TabakerzG wordt gecreëerd. Dit is in strijd met het Unierecht. De verschillende behandeling van de beide productvarianten – mentholsigaretten die door de toevoeging van menthol aan bestanddelen is gementholiseerd, en sigaretten waarbij het tabaksrolletje is gementholiseerd – heeft geen basis in de richtlijn en is ook niet objectief gerechtvaardigd.

LS&R 1514

Vragen aan HvJEU: Geldt rituale slachting zonder voorafgaande bedwelming als 'biologische' productie?

Hof van Justitie EU 6 jul 2017, LS&R 1514; C-497-17 (Oeuvre d’assistance aux bêtes d’abattoirs), http://www.lsenr.nl/artikelen/vragen-aan-hvjeu-geldt-rituale-slachting-zonder-voorafgaande-bedwelming-als-biologische-productie

Prejudiceel gestelde vragen aan HvJEU 6 juli 2017, RB 3001; IEFbe 2375; LS&R 1514; C-497-17 (Oeuvre d’assistance aux bêtes d’abattoirs).Voedselveiligheid. Via MinBuZa: Verzoeker (vereniging Oeuvre d’assistance aux bêtes d’abattoirs; OABA) heeft met haar verzoek van 24.09.2012 een van de verwerende partijen (Ecocert France, certificeringsinstelling) verzocht om op grond van verordening 834/2007 een eind te maken aan de reclame voor en het in de handel brengen van ‘halal’-gecertificeerde en van de vermelding ‘biologische landbouw’ voorziene gehakte biefstukken, die door de vennootschap Bionoor (tevens een van de verwerende partijen) in de handel worden gebracht. Door het stilzwijgen van de certificeringsinstelling werd dit verzoek impliciet afgewezen. Verzoeker heeft de Conseil d’État om nietigverklaring van het impliciete afwijzingsbesluit verzocht. Volgens verzoeker is de vermelding van ‘biologische landbouw’ onverenigbaar met producten afkomstig van zonder voorafgaande bedwelming geslachte dieren; deze slachtmethode zou niet voldoen aan de vereisten van verordening 834/2007. De verwerende partijen (Bionoor, Ecocert France, het ministerie van landbouw en voedsel, en het Nationaal Instituut voor Oorsprong en Kwaliteit) concluderen tot afwijzing van het verzoek. Verweerders stellen dat noch verordening 834/2007, noch uitvoeringsverordening nr. 889/2008 zich ertegen verzetten dat de regel van voorafgaande bedwelming niet wordt geëerbiedigd in het specifieke kader van rituele slachtingen. Verordening 1099/2009 staat een uitzondering toe op het beginsel van voorafgaande bedwelming indien religieuze riten dit vereisen. Bovendien sluit verordening 889/2008 uitdrukkelijk bepaalde praktijken uit, zoals dwangvoedering van dieren, doch niet rituele slachting.

LS&R 1511

Jurisprudentielunch octrooirecht op 29 november 2017

Aanmelden 29 november 2017, Tijdens de jaarlijks terugkerende jurisprudentielunch laten Willem Hoyng en Bart van den Broek wederom belangrijke en actuele octrooirechtjurisprudentie uit het afgelopen jaar de revue passeren. In slechts 3 uur bent u volledig op de hoogte van de actuele ontwikkelingen in de rechtspraak. Deze cursus biedt verdieping en de verbreding voor de specialist met voorkennis.

LS&R 1512

Cardioloog heeft 7 jaar lang alarmsignalen gemist en heeft geen adequate medicatie voorgeschreven

4 okt 2017, LS&R 1512; ECLI:NL:TGZREIN:2017:107 (Klacht tegen cardioloog), http://www.lsenr.nl/artikelen/cardioloog-heeft-7-jaar-lang-alarmsignalen-gemist-en-heeft-geen-adequate-medicatie-voorgeschreven

Het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 4 oktober 2017, LS&R 1512; ECLI:NL:TGZREIN:2017:107 (Klacht tegen cardioloog) Klaagster verwijt verweerder dat hij in de periode van 2007 tot 2013 de geleidelijke progressie van haar HCM niet heeft (h)erkend. Het college verklaart de klacht gegrond. Vast staat dat verweerder niet bij alle consulten de door hem genoemde, benodigde onderzoeken heeft laten uitvoeren. Zo heeft verweerder niet voor ieder consult een echo laten maken en evenmin de LVEF laten bepalen. Niet alleen blijkt uit het medisch dossier, waaronder ook de brieven aan de huisarts, niet dat verweerder deze verslechtering heeft geconstateerd en hiernaar heeft gehandeld, verweerder blijft ook achteraf – ten onrechte – betwisten dat er een achteruitgang viel te constateren. De door verweerder voorgeschreven medicatie was bovendien niet adequaat. Het college legt verweerder de maatregel van berisping op.  Het college weegt daarbij mee dat verweerder niet eenmalig, maar gedurende een periode van zeven jaar bij herhaling alarmsignalen heeft gemist. Verweerder toont daarbij geen inzicht in zijn handelen, maar blijft ook bij het herbeoordelen van alle onderzoeksresultaten vasthouden aan zijn oordeel.

LS&R 1510

Jurisprudentielunch merken-, modellen-, auteursrecht op 22 november 2017

Op woensdag 22 november 2017 organiseert eduLex, onderdeel van deLex, wederom een intensieve jurisprudentielunch. Tijdens deze bijeenkomst bespreken Tobias Cohen Jehoram, Charles Gielen en Joris van Manen met u de belangrijkste uitspraken op het gebied van het merken-, modellen- en auteursrecht. Van iedere uitspraak wordt de essentie en het belang voor de praktijk besproken. In slechts drie uur tijd bent u volledig op de hoogte van de ontwikkelingen in de meest recente rechtspraak van het afgelopen half jaar. Onder andere de volgende uitspraken worden besproken:

LS&R 1509

BGH: Verboden tabaksreclame door gebruik foto op eigen website producent

Duitsland 5 okt 2017, LS&R 1509; I ZR 117/16 (Tabaksreclame), http://www.lsenr.nl/artikelen/bgh-verboden-tabaksreclame-door-gebruik-foto-op-eigen-website-producent
Tabaksreclame

BGH 5 oktober 2017, IEF 17155; I ZR 117/16 (Tabaksreclame). Tabaksreclame. Dienst in de informatiemaatschappij. Uit het persbericht: verweerder is een middelgrote tabaksproducent. Op haar website kunnen geïnteresseerde gebruikers informatie krijgen over het bedrijf, maar de inhoud achter de homepage is enkel zichtbaar na een elektronische leeftijdsopgave. In november 2014 was op de homepage van de verweerder een foto te zien waarop vier vrolijke, normale mensen tabaksproducten gebruikten. De aanvrager, een vereniging voor consumentenbescherming, vindt dat dit een ontoelaatbare tabaksreclame is. Zij verzoekt de verweerder zich te onthouden van reclame met de foto. Het beroep van de verdachte bij het Landgericht was niet succesvol. Beslissing van het Bundesgerichtshof:

LS&R 1508

Verpakking Lucovitaal zet gemiddelde consument op het verkeerde been over samenstelling product

Reclame Code Commissie 20 sep 2017, LS&R 1508; dossiernr. 2017/00565 (Lucovitaal Glucosamine Chondroïtine), http://www.lsenr.nl/artikelen/verpakking-lucovitaal-zet-gemiddelde-consument-op-het-verkeerde-been-over-samenstelling-product
Lucovitaal Glucosamine Chondroïtine

RCC 20 september 2017, RB 2991; dossiernr. 2017/00565 (Lucovitaal Glucosamine Chondroïtine). Verpakking en etikettering. Misleiding. Het betreft de verpakking van het product Lucovitaal Glucosamine Chondroïtine. De klacht: de tekst op de voorzijde van de verpakking van 150 tabletten suggereert dat elk tablet 1500 mg glucosamine bevat. Op de achterzijde van de verpakking staat echter in kleine letters dat het gaat om 1500 mg glucosamine per dagdosering en dat daarvoor twee tabletten moeten worden geslikt. Klager vindt het verwarrend dat de hoeveelheid glucosamine per twee tabletten in plaats van per tablet wordt vermeld. Door de voorzijde van de verpakking wordt de suggestie gewekt dat met de aanschaf van dit product voldoende pillen voor 150 dagen worden gekocht. Hierdoor kunnen consumenten een besluit over een transactie nemen dat ze anders niet hadden genomen en is de verpakking misleidend, aldus klager.

LS&R 1507

Arbo-arts krijgt berisping voor gebruik maken van oude medische informatie

3 okt 2017, LS&R 1507; ECLI:NL:TGZRAMS:2017:109 (Klacht arbo-arts), http://www.lsenr.nl/artikelen/arbo-arts-krijgt-berisping-voor-gebruik-maken-van-oude-medische-informatie

Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 3 oktober 2017, LS&R 1507; ECLI:NL:TGZRAMS:2017:109 (Klacht arbo-arts) Verweerder heeft klager als arbo-arts beoordeeld. Klager verwijt verweerder dat hij in zijn rapportage gebruik heeft gemaakt van medische informatie die één jaar oud was terwijl er nieuwe medische informatie beschikbaar was. Ook heeft hij nagelaten te vermelden dat de door hem gebruikte informatie één jaar oud was. Klager heeft hierdoor een conflict met zijn werkgever gekregen. De klacht wordt gegrond verklaart, het college legt op de maatregel van berisping.

LS&R 1506

Huisarts schiet tekort in nazorgtaak

27 sep 2017, LS&R 1506; ECLI:NL:TGZREIN:2017:97 (Klacht tegen huisarts), http://www.lsenr.nl/artikelen/huisarts-schiet-tekort-in-nazorgtaak

Regionaal Tuchtcollege voor de gezondheidszorg Eindhoven 27 september 2017, LS&R 1506; ECLI:NL:TGZREIN:2017:97 (Klacht tegen huisarts) Huisarts wordt onder meer verweten dat hij de huidinfectie erysipelas niet volgens de richtlijnen heeft behandeld en dat hij bij aanhoudende klachten geen rationele behandeling heeft uitgevoerd, onzorgvuldig heeft gehandeld ten aanzien van het tijdig stellen van de diagnose endocarditis en tekortgeschoten is in zijn nazorgtaak. Klacht mist deels feitelijke grondslag. Gelet op de geleidelijke toename van de gezondheidsklachten, de weinig specifieke symptomen, de afwezigheid van aanwijzingen voor cardiale problematiek, is het missen van de diagnose endocarditis niet verwijtbaar. Er is wel tekortgeschoten in nazorgtaak: de huisarts heeft onvoldoende danwel inadequate stappen gezet om in contact te treden met klager. De klacht wordt deels gegrond verklaard, de huisarts krijgt een waarschuwing. 

LS&R 1505

Irritatie door frequentie commercials Voltaren Emulgel geen grond voor strijd met Reclame Code

Reclame Code Commissie 18 sep 2017, LS&R 1505; Dossiernr. 2017/00604 (Voltaren Emulgel), http://www.lsenr.nl/artikelen/irritatie-door-frequentie-commercials-voltaren-emulgel-geen-grond-voor-strijd-met-reclame-code
Voltaren Emulgel

Vz. RCC 18 september 2017, RB 2985; Dossiernr. 2017/00604 (Voltaren Emulgel) Afwijzing. Medicijn. De bestreden reclame-uitingen. Het betreft: Door middel van een animatie in de tv-commercial wordt uitgelegd hoe Voltaren Emulgel werkt, waarbij wordt gezegd: “Voltaren Emulgel werkt in de kern van de pijn. Het verlicht de pijn en remt ook de ontsteking.” In tekst verschijnt onder meer de mededeling: “Voltaren Emulgel bij gewrichtspijn van knie of vinger (diclofenac diethylammonium) is een geneesmiddel.” In een radiocommercial wordt gezegd: “Emma en Sem jullie oma is klaar om opgehaald te worden in de ballenbak. (…) Voltaren Emulgel is een geneesmiddel met een dubbele werking. Het verlicht de gewrichtspijn van knie of vinger en remt de ontsteking.”

De klacht: de televisiecommercial toont een röntgenachtig beeld van een kniegewricht dat “volkomen aan gort ligt”. Een aandoening met bijbehorende pijnklachten als gevolg van “niet reversibele kraakbeen degeneratie” zal door het aangeprezen middel niet verbeteren. Dit blijkt ook uit de eigen ervaring van klager met het middel. Hij heeft geen effect van het gebruik van Voltaren Emulgel ervaren. De frequentie waarmee de radiocommercial wordt uitgezonden maakt dat deze onverdraaglijk is geworden en een belediging voor mensen met gewrichtsklachten.

LS&R 1504

Hof: Verbod om zorgaanbieder voorkeursproducten te laten betrekken

4 okt 2017, LS&R 1504; ECLI:NL:GHARL:2016:7947 (FHI MT tegen VGZ e.a.), http://www.lsenr.nl/artikelen/hof-verbod-om-zorgaanbieder-voorkeursproducten-te-laten-betrekken

Hof Arnhem-Leeuwarden 4 oktober 2016, LS&R 1504 (NL brancheorganisatie voor medische technologie (FHI MT) tegen VGZ e.a.) Vereisten voor collectieve actie volgens artikel 3:305 leden 1 en 2 BW. Verboden mededingingsbeperking? Strekkingsbeding? fnameplicht die een belemmering vormt voor parallelimport uit andere lidstaten. Groepsvrijstelling Verticalen (GVVO) niet van toepassing. Het vonnis [LS&R 1064] wordt vernietigd en het hof verbiedt VGZ met onmiddellijke ingang uitvoering te geven aan artikel 4 lid 2 van de door haar gesloten, inmiddels verlengde, Overeenkomsten Afleveraars Drinkvoeding 2015.

 

LS&R 1503

Kinderpsychiater handelt nalatig door een onvoldoende onderbouwde en onjuiste diagnose te stellen

11 aug 2017, LS&R 1503; ECLI:NL:TGZRAMS:2017:108 (Klacht tegen kinderpsychiater), http://www.lsenr.nl/artikelen/kinderpsychiater-handelt-nalatig-door-een-onvoldoende-onderbouwde-en-onjuiste-diagnose-te-stellen

Regionaal Tuchtcollege Amsterdam 11 augustus 2017, LS&R 1503; ECLI:NL:TGZRAMS:2017:108 (Klacht kinderpsychiater) Klaagster is moeder van een 15-jarige zoon. Zij heeft hulp voor haar zoon gezocht in verband met psychische problemen. Aldus is de zoon onder behandeling gekomen van verweerster. Verweerster heeft de diagnose Pediatric Condition Falsification / Munchhausen by Proxy gesteld. Volgens klaagster heeft verweerster deze diagnose ten onrechte gesteld en zonder de contra-indicaties voor die diagnose erbij te betrekken. Voorts heeft verweerster volgens klaagster onder meer in strijd met artikel 8 EVRM gehandeld door medische informatie over haar en haar zoon zonder toestemming aan derden door te spelen. Het college concludeert dat de door verweerster vastgestelde diagnose Münchausen by proxy niet zonder meer volgt uit haar onderzoek en in ieder geval in die fase van het onderzoek prematuur is te noemen. In die zin slaagt klachtonderdeel 1. De overige klachten worden ongegrond verklaard. 

LS&R 1502

Octrooi reumatoïde artritis niet nieuw omdat prioriteitsrecht niet automatisch is overgegaan in overeenkomst

27 sep 2017, LS&R 1502; ECLI:NL:RBDHA:2017:11301 (Celltrion tegen Biogen), http://www.lsenr.nl/artikelen/octrooi-reumato-de-artritis-niet-nieuw-omdat-prioriteitsrecht-niet-automatisch-is-overgegaan-in-over

Rechtbank Den Haag 27 september 2017, IEF 17137; LS&R 1502; ECLI:NL:RBDHA:2017:11301 (Celltrion tegen Biogen) Octrooi vernietigd. Biogen is houdster van het EP 1 951 304 B1 sinds 22 oktober 2014. Het octrooi ziet op een behandelingsregime voor gewrichtsbeschadiging bij reumatoïde artritis. EP 304 doet een beroep op prioriteit van P1 en P2, met aanvraagdatum 6 november 2006. Celltrion stelt dat de uitvinders hun prioriteitsrecht niet geldig en tijdig hebben overgedragen aan Biogen. De rechtbank oordeelt dat uit de overeenkomst tussen Biogen en de uitvinders geen automatische overgang van het prioriteitsrecht kan worden afgeleid, Biogen kan zich niet beroepen op prioriteit van P1. Nu de door Celltrion overgelegde publicatie van Keystone van 21 juni 2006 deel uitmaakt van de stand van de techniek is EP 304 niet nieuw. De rechtbank vernietigt het Nederlandse deel van het octrooi.

LS&R 1501

Verpleegkundige geschorst na aangaan seksuele relatie patiënt

5 sep 2017, LS&R 1501; (Klacht tegen verpleegkundige), http://www.lsenr.nl/artikelen/verpleegkundige-geschorst-na-aangaan-seksuele-relatie-pati-nt

Het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te Amsterdam 5 september 2017, LS&R 1501 (Klacht tegen verpleegkundige) De Inspectie verwijt verweerster, verpleegkundige bij een instelling, dat zij zich gedurende drie jaren (seksueel) grensoverschrijdend heeft gedragen jegens een aan haar zorg toevertrouwde patiënt. Verpleegkundige heeft ter zitting erkend dat sprake is geweest van een persoonlijke en seksuele relatie met de patiënt. Het college is van oordeel dat verpleegkundige hiermee de professionele grenzen die zij als verpleegkundige in acht behoorde te nemen, heeft overschreden. Verpleegkundige werkt met (kwetsbare) psychiatrische patiënten. Haar handelswijze is tuchtrechtelijk dan ook zeer verwijtbaar. De klacht wordt gegrond verklaard. De verpleegkundige wordt geschorst voor de duur van een jaar.

LS&R 1500

Hoger beroep mag tussentijds ingesteld worden tegen afwijzing oppositie VSY tegen octrooi intra-oculaire lens

Rechtbank Den Haag 6 sep 2017, LS&R 1500; ECLI:NL:RBDHA:2017:10121 (Carl Zeiss Meditec tegen VSY), http://www.lsenr.nl/artikelen/hoger-beroep-mag-tussentijds-ingesteld-worden-tegen-afwijzing-oppositie-vsy-tegen-octrooi-intra-ocul

Rechtbank Den Haag 6 september 2017, IEF 17091; LS&R 1500; ECLI:NL:RBDHA:2017:10121 (Carl Zeiss Meditec tegen VSY) Octrooirecht. Carl Zeiss is houder van het Europese octrooi EP2377493 op een intra-oculaire lens. Door VSY wordt een intra-oculaire lens op de markt gebracht onder de naam Tri-ED 611. Rechtbank Den Haag [IEF 16848] oordeelt dat de lens van gedaagden valt onder de beschermingsomvang van het octrooi van Carl Zeiss. Het Nederlandse deel is geldig: nawerkbaar, nieuw en inventief. Provisioneel inbreukverbod in afwachting nietigheidsoordeel van de buitenlandse delen. De rechtbank bepaalt dat er tussentijds hoger beroep zal kunnen worden ingesteld tegen de beslissing in het tussenvonnis. Er is sprake van een bijzondere omstandigheid: provisionele maatregel gelast in zelfde tussenvonnis waartegen hoger beroep wordt ingesteld. 

LS&R 1499

Geen inbreuk op tweede hulpverzoek 'Gebruiksklaar urinekathetersamenstel'

Rechtbank Den Haag 6 sep 2017, LS&R 1499; ECLI:NL:RBDHA:2017:10120 (Coloplast tegen Hollister), http://www.lsenr.nl/artikelen/geen-inbreuk-op-tweede-hulpverzoek-gebruiksklaar-urinekathetersamenstel

Rechtbank Den Haag 6 september 2017, IEF 17085; LS&R 1499; ECLI:NL:RBDHA:2017:10120 (Coloplast tegen Hollister) Octrooirecht. Tweede hulpverzoek. Coloplast is houdster van EP 1 145 729 'Gebruiksklaar urinekathetersamenstel'. Eerder heeft deze rechtbank het octrooi vernietigd op basis van het hoofdverzoek en eerste hulpverzoek, daartegen is hoger beroep ingesteld. Coloplast vordert nu inbreuk op basis van het tweede hulpverzoek EP 729 B2. Coloplast heeft nog aangevoerd dat de VaPro reeds inbreuk maakt op deelkenmerk 2.1 omdat het water in de hydrofiele oppervlaktelaag moet worden aangemerkt als vloeibaar. Deze stelling, wat daar ook van zij, kan haar niet baten omdat dit ziet op de toestand van het water na activatie en niet op de (fysische) toestand van de activatiestof tijdens de activatie. Hollister maakt geen inbreuk. De vorderingen worden afgewezen.

LS&R 1497

Octrooi naaldbeschermingsamenstel niet inventief en wordt nietig verklaard

Rechtbank Den Haag 6 sep 2017, LS&R 1497; ECLI:NL:RBDHA:2017:9997 (Becton Dickinson tegen Braun Melsungen), http://www.lsenr.nl/artikelen/octrooi-naaldbeschermingsamenstel-niet-inventief-en-wordt-nietig-verklaard

Rechtbank Den Haag 6 september 2017, IEF 17083, LS&R 1497; ECLI:NL:RBDHA:2017:9997 (Becton Dickinson tegen Braun Melsungen) Europees octrooi. Braun is houdster van het Europese octrooi EP 2 319 556 B1: 'Needle tip guard for hypodermic needles', een naaldbeschermingsamenstel. Becton Dickinson vordert vernietiging van het Nederlandse deel van EP 556, dan wel een verklaring voor recht dat de VPS oud en VPS nieuw niet onder de beschermingsomvang van het octrooi vallen. De rechter oordeelt dat er sprake is van toegevoegde materie voor zover de 'recess (32)' een 'outer recess' of 'a recess on the outside of the catheter hub' omvat. Conclusie 1 van het octrooi bevat zonder de plaats van de 'recess' te duiden niet alleen toegevoegde materie, maar is ook niet inventief. Braun heeft niet aangevoerd dat volgconclusies 2 t/m 12 iets inventiefs aan conclusie 1 toevoegen. Het gehele octrooi wordt nietig verklaard.

LS&R 1496

Voornemen prejudiciële vraag over de uitleg van artikel 11 van richtlijn 2001/83

Hof Den Haag 14 mrt 2017, LS&R 1496; ECLI:NL:GHDHA:2017:567 (Warner-Lambert Company tegen CtBG), http://www.lsenr.nl/artikelen/voornemen-prejudici-le-vraag-over-de-uitleg-van-artikel-11-van-richtlijn-2001-83

Hof Den Haag 14 maart 2017, IEF 17080; LS&R 1496; ECLI:NL:GHDHA:2017:567 (Warner-Lambert Company tegen CtBG) Tussenarrest, prejudiciële vragen zijn reeds gesteld, zie IEF 16935. Octrooirecht. Geneesmiddelenrecht. Tweede medische indicatie octrooi; beleid van het CBG om de SmPC en bijsluiter zonder carve out te publiceren; voornemen prejudiciële vraag over de uitleg van artikel 11 van richtlijn 2001/83.