LS&R 1857

Franse rechter acht Eli Lilly's pemetrexed-octrooi geldig

Frankrijk 11 sep 2020, LS&R 1857; (Eli Lilly tegen Frensenius), http://www.lsenr.nl/artikelen/franse-rechter-acht-eli-lilly-s-pemetrexed-octrooi-geldig

Tribunal Judiciaire de Paris 11 september 2020, IEF 19430, LS&R 1857, IEFbe 3122; 17/10421 (Eli Lilly tegen Frensenius) Zie eerder [IEF 19261], [IEF 19082], [IEF 17690], [IEF 18534]. Deze zaak ziet op de (equivalente) beschermingsomvang van Europees octrooi EP (NL) 1 313 508, waarvan Lilly houdster is. De Franse rechter acht het pemetrexed-octrooi van Lilly geldig en legt Frensenius Kabi een permanent inbreukverbod op.

LS&R 1856

Extra panel over online-zittingen tijdens het Nederlands Octrooicongres

Hoe hebben advocaten en rechter de online-zittingen tot nu toe beleefd? Morgenmiddag deelt een gemixed panel hun ervaringen met online-zittingen tijdens het Nederlands Octrooicongres 2020.
Een mooie toevoeging aan het programma met o.a. Freyke Bus (Rechtbank Den Haag), Margot Kokke (Rechtbank Den Haag) en Daan de Lange (Brinkhof)

Voor de late inschrijvers: aanmelden voor het Nederlands Octrooicongres deel 2 is nog mogelijk! Neem contact op via info@delex.nl, of meld je aan via de website.

LS&R 1854

Vernietiging octrooi Richter wegens gebrek aan nieuwheid

Rechtbank Den Haag 29 jul 2020, LS&R 1854; ECLI:NL:RBDHA:2020:7089 (Biogen c.s. tegen Richter), http://www.lsenr.nl/artikelen/vernietiging-octrooi-richter-wegens-gebrek-aan-nieuwheid

Rechtbank Den Haag 29 juli 2020, IEF 19398, LS&R 1854; ECLI:NL:RBDHA:2020:7089 (Biogen c.s. tegen Richter) Octrooirecht. Inbreuk. Nietigheid. Richter is houdster van EP 667 voor: ‘Pharmaceutical anti-TNF-alpha Antibody Formulation’. Biogen c.s. heeft later geneesmiddel Imraldi® op de Europese markt gebracht. Biogen c.s. vordert vernietiging van het Nederlandse deel van het octrooi, omdat het niet nieuw, dan wel niet inventief is ten opzichte van Manning, Bender en Humira, en het niet nawerkbaar is. Richter vordert om Biogen c.s. te verbieden inbreuk op haar octrooi te maken met de Imraldi-producten. De zaken worden samen behandeld. Conclusie 1 van EP 667 is ongeldig, wegens gebrek aan nieuwheid, ook in de voorgestelde gewijzigde vorm van de hulpverzoeken. De vordering tot vernietiging van het Nederlandse deel van het octrooi wordt toegewezen. In de inbreukzaak worden de vordering afgewezen, nu op een nietig octrooi geen inbreuk gemaakt kan worden.

LS&R 1855

Incidentele inzagevordering Biomet is 'hengeltochtje'

Rechtbank Rotterdam 2 sep 2020, LS&R 1855; ((Heraeus tegen Biomet)), http://www.lsenr.nl/artikelen/incidentele-inzagevordering-biomet-is-hengeltochtje

Rechtbank Rotterdam 2 september 2020, IEF 19399; LS&R 1855; C/10/581437 / HA ZA 19-817 (Heraeus tegen Biomet) Bedrijfsgeheimen. Vonnis in incident. Heraeus en Biomet c.s. houden zich bezig met de ontwikkeling en verkoop van botcement. Heraeus brengt het botcement onder de merknaam Palacos op de markt. Biomet c.s. hebben een botcement op de markt gebracht met eigenschappen die (nagenoeg) gelijk waren aan de eigenschappen van het Palacos botcement. Dit leidt tot een geschil over onrechtmatig gebruik van bedrijfsgeheimen. Biomet c.s. vorderen in incident Heraeus te veroordelen inzage in en afgifte van een zeer groot aantal bescheiden van diverse aard te verstrekken. Deze vordering is te beschouwen als een 'hengeltochtje', aangezien de gevorderde inzage geen betrekking heeft op ‘bepaalde’ bescheiden. Hierdoor hebben Biomet c.s. geen rechtmatig belang bij de gevorderde inzage. De incidentele vordering van Biomet c.s. wordt afgewezen.

LS&R 1853

Nederlands Octrooicongres deel 2 - inschrijven nog mogelijk

Volgende week vindt alweer deel twee van het Octrooicongres 2020 plaats. In eerste instantie hadden we dit evenement op een mooie locatie gepland. Inmiddels hebben we, in het licht van de huidige ontwikkelingen, en in nauw overleg met dagvoorzitters en sprekers, moeten besluiten om ook deze editie volledig online te laten plaatsvinden. Dit mede gezien het kabinetsadvies om vanuit huis te blijven werken.

Het programma blijft staan, en het blijft actueel en boeiend! Sterker nog: we hebben een interactief onderdeel toegevoegd. Daarnaast zorgen we voor voldoende tijd voor de sprekers, vragen, pauzes en meer interactie.

De tijd blijft staan: 8 september, van 14.00 – 17.15 uur* 

Het programma:

  • Beslissingen van het EOB 2019/2020, Derk Visser
  • Overdracht van prioriteit, met (internationaal) panel
  • ‘Added matter’, Rian Kalden
  • Interactief deel over ‘de nieuwe zittingen’: hoe ervaren rechters, gemachtigden en advocaten online zittingen?

We verwelkomen u graag op 8 september! Inschrijven kan via de website of via info@delex.nl. Mail ons als u vragen heeft.

* Inloggen vanaf 1345 uur, houd rekening met enige uitloop! 

LS&R 1852

Hof vernietigt vonnis rechtbank: octrooi en ABC wel geldig

Hof Den Haag 18 aug 2020, LS&R 1852; ECLI:NL:GHDHA:2020:1621 (NPS tegen Accord), http://www.lsenr.nl/artikelen/hof-vernietigt-vonnis-rechtbank-octrooi-en-abc-wel-geldig

Hof Den Haag 18 augustus 2020, IEF 19380, LS&R 1852; ECLI:NL:GHDHA:2020:1621 (NPS tegen Accord) Octrooirecht. Aanvullende beschermingscertificaten. Hierbij gaat het arrest in het hoger beroep tussen NPS en Accord. Het hof heeft het vonnis van de rechtbank vernietigd en wijst de nietigheidsvorderingen van Accord alsnog af. De stelling van Accord dat conclusie 1 van EP 761 niet inventief is, wordt verworpen. De conclusie ziet immers op een farmaceutische samenstelling van cinacalcet en het gebruik van cinacalcet als geneesmiddel voor de behandeling van diverse aandoeningen, ontlenen hun inventiviteit reeds aan de inventiviteit van cinacalcet. Het hof bevestigt daarmee de geldigheid van NPS' octrooi en het aanvullende beschermingscertificaat.

LS&R 1851

Octrooicongres deel 2 op dinsdag 8 september

Over enkele weken vindt het alweer plaats: deel 2 van het Octrooicongres 2020!
We treffen elkaar in het open, lichte en ruim opgezette Rosarium* te Amsterdam.

Onder de bezielende leiding van dagvoorzitters Gertjan Kuipers en Peter Blok is er ruimte voor interactie en actuele onderwerpen, met een (internationaal) panel en boeiende sprekers!

Wanneer?
Tijd: 8 september, van 14.00 – 17.15 uur, met aansluitend een borrel
Locatie: Rosarium Amsterdam*

Inschrijven is nog mogelijk, via info@delex.nl of de website. We kijken er naar uit u weer persoonlijk te verwelkomen! Let op: het aantal plaatsen is beperkt.

* Programma en locatie onder voorbehoud. Bij al onze bijeenkomsten houden we de overheidsvoorschriften en maatregelen nauwgezet in de gaten. Kan een congres niet doorgaan op locatie, dan zoeken we een alternatief.

LS&R 1850


Bevoegdheidsincident in procedure over bedrijfsgeheimen

Rechtbank Amsterdam 29 jul 2020, LS&R 1850; (EWAC tegen Curium c.s.), http://www.lsenr.nl/artikelen/bevoegdheidsincident-in-procedure-over-bedrijfsgeheimen

Rechtbank Amsterdam 29 juli 2020, IEF 19366, LSR 1850; C/13/675729 (EWAC tegen Curium c.s.) Bedrijfsgeheimen. Procesrecht. EWAC spreekt Curium c.s. aan voor het onrechtmatig gebruikmaken van bedrijfsgeheimen, omdat Curium c.s. tekortgeschoten zou zijn in de nakoming van de geheimhoudingsovereenkomst. Curium c.s. vordert dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart en de zaak naar de rechtbank Den Haag verwijst. Gelet op het bepaalde in artikel 108 Rv is de rechtbank Amsterdam op grond van zowel de MCA als de MNDCA bij uitsluiting (deels naast de rechtbank Noord-Holland) bevoegd kennis te nemen van de naar aanleiding van deze overeenkomst gerezen geschillen tussen EWAC, Curium en ECN. Dit kan betekenen dat de door EWAC ingestelde vordering wordt opgeknipt, maar om redenen van doelmatigheid en de ook door partijen aangegeven samenhang tussen de vorderingen, acht de rechtbank Amsterdam zich bevoegd kennis te nemen van de gehele zaak. Dit vonnis is interessant, omdat er drie opeenvolgende overeenkomsten zijn gesloten op grond waarvan geheime informatie is gedeeld. Het ging steeds om andere informatie en er is steeds een andere rechter als bevoegd aangewezen. De discussie in het bevoegdheidsincident ging impliciet al over de hoofdzaak: geldt alleen de jongste overeenkomst en zet die de oudere overeenkomst opzij? Dan moet die bevoegde rechter aangewezen worden. Als de oudere overeenkomsten, inclusief bevoegdheidsregel, niet meer gelden, dan zou ook de geheimhouding op grond van die overeenkomsten niet meer gelden. De uitspraak over de bevoegdheid en geldigheid van de forumkeuze heeft dus grote gevolgen voor de uitkomst in de hoofdzaak. In het onderhavige geval heeft de rechter besloten dat alle overeenkomsten, inclusief het forumkeuzebeding (en dus ook geheimhoudingsbeding) geldend zijn en naast elkaar bestaan.

LS&R 1849

Inhoudsopgave Jurisprudentie Geneesmiddelenrecht (JGR)

Inhoudsopgave van het tijdschrift Jurisprudentie Geneesmiddelenrecht (JGR).

Aflevering 2 - 4 augustus 2020 - Jaargang 21

Medische hulpmiddelen

8. Slaafse nabootsing en onrechtmatigheid door het overnemen en aanbieden van een serie wondhechtingsproducten. Noot van dhr. mr. D.L. Frowijn bij Rechtbank Rotterdam, 22 april 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:3961

Omzetbelasting

9. Een medisch hulpmiddel kan niet genieten van het verlaagde btw-tarief ook al lijkt het erg op een zelfzorggeneesmiddel. Noot van dhr. mr. drs. J.A. Lisman bij Rechtbank Den Haag, 15 april 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:401

Overige

10. Het EMA heeft terecht besloten om informatie uit registratiedossiers beschikbaar te stellen aan belangstellenden. Noot van dhr. mr. drs. J.A. Lisman bij Hof van Justitie EU, 20 januari 2020, ECLI:EU:C:2020:23

Preferentiebeleid

11. Preferentiebeleid CZ glatirameerbevattende geneesmiddelen niet onrechtmatig. Noot van dhr. mr. C. van Balen bij Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 10 december 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:4471

Reclame

12. Dokteronline.com bood geneesmiddelen aan zonder daartoe bevoegd te zijn en handelde in strijd met diverse reclameverboden. Noot van mw. mr. M. Meddens-Bakker bij Rechtbank Den Haag, 8 januari 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:85

13. Terugbetalingsregeling voor UR-geneesmiddel voorgeschreven binnen indicatie maar buiten GVS is in strijd met het verbod op reclame die rationeel gebruik geneesmiddel niet bevordert. Noot van mw. mr. C.S.M. Morel bij Rechtbank Midden-Nederland, 29 januari 2020, ECLI:NL:RBMNE:2020:295

Zorgverzekeraars

14. Stimuleringsbeleid zorgverzekeraars voor biosimilars is niet onrechtmatig jegens vergunninghouder originator. Noot van mw. mr. dr. M.D.B. Schutjens bij Rechtbank Den Haag, 24 december 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:14242

15. Vergoeding intramuraal geneesmiddel buitenland; behandeling behoort tot internationale stand van de wetenschap en praktijk. Noot van mw. mr. M.F van der Mersch bij Rechtbank Den Haag, 22 april 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:3707

U kunt hier een abonnement op JGR afsluiten.

LS&R 1848

Indicatietarieven octrooizaken per 1 september a.s.

Indicatietarieven octrooizaken per 1 september a.s.

1. Sinds de inwerkingtreding van de Handhavingsrichtlijn op 29 april 2006 is in octrooizaken art. 14 van die Richtlijn (respectievelijk na de implementatie van art. 14) art. 1019h Rv toegepast: "De verliezende partij wordt veroordeeld in redelijke en evenredige gerechtskosten en andere kosten tenzij de billijkheid zich daartegen verzet."

2. Anders dan in andere IE-zaken wordt de grote meerderheid van octrooizaken behandeld door een kleine groep gespecialiseerde advocaten bijgestaan door een of meer octrooigemachtigden voor (in de feitelijke instanties) gespecialiseerde colleges. Bestudering van beslissingen in octrooizaken met betrekking tot kosten ex art. 1019h Rv leert dat in ongeveer de helft van de zaken (en met name in de grotere zaken) partijen overeenstemming bereiken over de kosten. Hoewel de rechter ambtshalve toeziet op de kostenveroordeling heb ik geen uitspraak kunnen vinden waar de rechter hetgeen is afgesproken als niet redelijk, evenredig en/of billijk oordeelde.



3. Nergens in de Richtlijn of de implementatiewetgeving wordt aangegeven dat de gewenste wijze van praktische uitvoering van de bepalingen met betrekking tot proceskosten bestaat uit door de rechter vastgestelde zgn. "indicatietarieven".

LS&R 1847

Spoedwet Rijksoctrooiwet 1995 van kracht

rijksover

Op 21 juli is de 'Tijdelijke rijkswet voorziening Rijksoctrooiwet 1995 COVID-19' van kracht geworden. De wet moet voorkomen dat ondernemers met octrooien of lopende octrooiaanvragen hun octrooirechten verliezen, wanneer zij door de coronacrisis hun betalingstermijnen missen omdat ze problemen hebben in hun bedrijfsvoering.

De Spoedwet Rijksoctrooiwet 1995 COVID-19 geeft de directeur van Octrooicentrum Nederland tijdelijk de bevoegdheid om de termijnen uit de Rijksoctrooiwet 1995 te verlengen. Bovendien komt tijdelijk de boete te vervallen bij te late betaling van de taksen (leges) om octrooien in stand te houden. Daarmee krijgen octrooihouders zes maanden extra de tijd om de jaarlijkse instandhoudingstaksen te betalen.

Lees verder op Rvo.nl.
Bron: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

LS&R 1845

Misleidende informatie in brochures

Rechtbank Amsterdam 3 jul 2020, LS&R 1845; ECLI:NL:RBAMS:2020:3285 (Goodlife tegen Farco), http://www.lsenr.nl/artikelen/misleidende-informatie-in-brochures

Vzr. Rechtbank Amsterdam 3 juli 2020, RB 3430, LS&R 1845; ECLI:NL:RBAMS:2020:3285 (Goodlife tegen Farco) Kort geding. Misleidende reclame medische hulpmiddelen. Goodlife is distributeur van medische hulpmiddelen in de Benelux en heeft het recht op de exclusieve distributie in Nederland van het medische hulpmiddel "Ialuril". Farco is in Duitsland marktleider in producten voor urologische toepassing en verhandelt haar producten wereldwijd. Farco brengt het medische hulpmiddel 'Instillamed' op de markt. Beide medische hulpmiddelen zijn zogeheten blaasspoelvloeistoffen die onder meer worden toegepast voor de behandeling van de aandoening interstitiële cystitis (ook wel chronisch blaaspijnsyndroom genoemd). Beide middelen bevatten hyaluronzuur en chondroïtinesulfaat als werkzame stoffen. Bij brief van 5 november 2019 heeft Goodlife Farco gesommeerd om promotie-brochures voor Instillamed waarin wordt verwezen naar studies met Ialuril niet te verspreiden en/of te distribueren in Nederland. In dit kort geding wordt ervan uitgegaan dat de brochures een verkeerde indruk wekken en in zoverre misleidend zijn. Voor de onderbouwing van de effectiviteit van Instillamed wordt verwezen naar onderzoeken die met Ialuril zijn uitgevoerd, zonder dat daarbij duidelijk wordt gemaakt dat niet wetenschappelijk bewezen is dat Instillamed gelijkwaardig is aan Ialuril. Door die brochures te verspreiden, handelt Farco dan ook onrechtmatig jegens Goodlife.

LS&R 1844

Arnold & Siedsma neemt octrooibureau LC Patents uit Hasselt over

Octrooi- en merkenbureau Arnold & Siedsma is een kantoor rijker. Sinds 1 juli gaat LC Patents uit het Belgische Hasselt verder als onderdeel van het bureau. De overname past uitstekend binnen de groeiambities van Arnold & Siedsma dat zich wilde uitbreiden op het gebied van chemie, waar LC Patents haar sporen in heeft verdiend. De overname is een unieke kans om de marktpositie in België te versterken op het gebied van farmacie, life sciences en biotechnologie.

De volledige integratie van fullservice octrooibureau LC Patents in Arnold & Siedsma is voltooid op 1 januari 2021. De komende zes maanden wordt daar druk aan gewerkt. Ondertussen draait LC Patents gewoon door in Hasselt; vooralsnog onder de eigen naam. “Hun elf medewerkers blijven er allemaal werkzaam en zijn sinds kort dus onze collega’s. We zijn uiteraard blij met en trots op deze kwalitatieve en kwantitatieve uitbreiding van ons bureau en onze dienstverlening. Een mooi succes, zeker nu we dit jaar 100 jaar bestaan”, aldus Paul Hylarides, partner bij Arnold & Siedsma.

LS&R 1843

Schorsing publicatiebesluit wegens onvoldoende motivering

Rechtbank Rotterdam 8 jul 2020, LS&R 1843; ECLI:NL:RBROT:2020:6011 (Publicatiebesluit melatonine), http://www.lsenr.nl/artikelen/schorsing-publicatiebesluit-wegens-onvoldoende-motivering

Rechtbank Rotterdam 8 juli 2020, LS&R 1843; ECLI:NL:RBROT:2020:6011 (Publicatiebesluit melatonine) Bestuursrecht. Bij brief van 31 oktober 2019 heeft verweerder verzoekster op de hoogte gebracht van het feit dat de IGJ in samenwerking met de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (de NVWA) het toezicht op producten die het hormoon melatonine bevatten gaat intensiveren. Producten met een dagdosering van 0,3 mg melatonine worden beschouwd als levensmiddel en vallen derhalve onder de Warenwet. Producten met een doseeradvies van meer dan 0,3 mg per dag vallen onder de Geneesmiddelenwet. Dit brengt mee dat deze producten als geneesmiddel dienen te worden geregistreerd en dat een vergunning nodig is voor het in de handel brengen van die producten. Bij verzoekster is bij een inspectie gebleken dat zij zulke geneesmiddelen in voorraad heeft gehad, te koop heeft aangeboden, heeft verkocht en afgeleverd. Hiervan is een conceptrapport opgesteld, waar verzoekster op heeft gereageerd. Op 15 mei 2020 heeft verweerder bij publicatiebesluit in de zin van artikel 44 Gezondheidswet dit conceptrapport definitief vastgesteld en openbaar gemaakt. Tegen dit publicatiebesluit heeft verzoekster bezwaar gemaakt. Gelet op recentere wetenschappelijke artikelen en andere publicaties, is het de vraag of het door verweerder aangehouden uitgangspunt stand kan houden. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft verweerder onvoldoende inzichtelijk gemaakt dat vanaf een dagdosis melatonine van 0,3 mg of meer wetenschappelijk – naar de huidige stand van de wetenschap – een ‘noemenswaardig en gunstig effect op verschillende fysiologische functies van het lichaam’ optreedt en dat producten met een dagdosering van melatonine van 0,3 mg of meer een werking als geneesmiddel hebben. De voorzieningenrechter oordeelt dan ook dat hier in bezwaar nog een nader onderzoek dan wel een aanvullende motivering of toelichting op gegeven dient te worden en verweerder zal dienen in te gaan op de door verzoekster overgelegde (recentere) artikelen uit de wetenschap. Concluderend is het bestreden besluit onvoldoende zorgvuldig voorbereid en gemotiveerd. Derhalve wordt het bestreden besluit geschorst tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar.

LS&R 1841

deLex najaarsagenda 2020

deLex najaarsagenda 2020

Blijf ook dit najaar op de hoogte met de actualiteitenlunches, webinars en congressen van deLex. Met actuele, interactieve programma’s en volop gelegenheid tot netwerken!

Waar mogelijk organiseren we bijeenkomsten op locatie, waar nodig gaan we online.

De agenda:

  • Dinsdag 8 september: Nederlands Octrooicongres deel 2, Online
  • Dinsdag 6 oktober: Benelux Merkencongres deel 2, Hybride (onilne en op locatie)
  • Woensdag 18 november: Jurisprudentielunch Merken- Modellen- en Auteursrecht
  • Donderdag 26 november: Nationaal Mediarechtcongres 2020
  • Woensdag 2 december: Jurisprudentielunch Octrooirecht
  • Donderdag 10 december: Nationaal Reclamerechtcongres 2020, Hotel Jakarta Amsterdam

Het najaarsprogramma belooft nog veel meer, met een Kunst & IE maand, meer actualiteitenlunches, een Retailmiddag, en - in herhaling - een actualiteitenmiddag Entertainment & Muziek. Kijk voor meer informatie op de website of mail naar info@delex.nl

LS&R 1840

HvJ EU: uitleg verordening voor aanvullende beschermingscertificaten

Hof van Justitie EU 9 jul 2020, LS&R 1840; ECLI:EU:C:2020:53 (Santen), http://www.lsenr.nl/artikelen/hvj-eu-uitleg-verordening-voor-aanvullende-beschermingscertificaten

HvJ EU 9 juli 2020, IEF 19314, LS&R 1840, IEFbe 3097; ECLI:EU:C:2020:531 (Santen) Artikel 3 d), van Verordening (EG) 469/2009 moet als volgt worden uitgelegd: een handelsvergunning kan niet worden beschouwd als de eerste handelsvergunning in de zin van deze bepaling, wanneer deze betrekking heeft op een nieuwe therapeutische toepassing van een actief ingrediënt of een combinatie van actieve ingrediënten, waarvoor al een handelsvergunning is verleend voor een andere therapeutische toepassing.
Het is voor de 2e keer in de geschiedenis - de eerste keer was C-121/17 [IEF 17872] - dat het Hof als Grand Chamber een uitspraak deed over de ABC-Verordening. De reden daarvoor was de spanning die bestond tussen een aantal uitspraken aan het begin van de eeuw en de beruchte uitspraak in de zaak Neurim in 2012. Het Hof neemt nu expliciet afstand van de redenatie in Neurim.

LS&R 1839

Inzet van dwanglicenties voor geneesmiddelen - wordt er een probleem opgelost?

Op 2 juli 2020 heeft Minister Wiebes het rapport “Persoonlijke beschouwing over de inzet van de dwanglicenties bij hoge prijzen van medicijnen” van de heer A. de Jong, ambtenaar bij de Algemene Bestuursdienst, aan de Tweede Kamer gestuurd. Het rapport zelf is van 16 juni. Eigenlijk was het de bedoeling dat er een rapport zou komen van een Commissie Dwanglicenties, maar door interne onenigheid is het niet gelukt een gezamenlijk rapport te formuleren. De commissie bestond uit de heer De Jong (voorzitter), prof. Anselm Kamperman Sanders (hoogleraar intellectuele eigendom aan Maastricht University), prof. Bert Leufkens (hoogleraar farmaceutische wetenschappen aan Utrecht University en voormalig voorzitter van het College ter beoordeling van Geneesmiddelen), mr. Ellen ’t Hoen (onderzoeker bij het Universitair Medisch Centrum Groningen), Harrold van Barlingen (investeerder in life science bedrijven) en dr. Marcel Canoy (zorgenoom aan de Erasmus Universiteit Rotterdam). Naar het schijnt is in de commissie onenigheid ontstaan, waardoor het niet tot een rapport van de gehele commissie is gekomen. Kennelijk was het niet de bedoeling om de sector waar het over gaat bij het advies te betrekken.

Lees hier het gehele artikel van Wouter Pors.