LS&R 1464

HvJ EU: Zuiver plantaardige producten mogen in beginsel niet worden afgezet onder benamingen zoals melk, room, boter, kaas of yoghurt

HvJ EU 14 juni 2017, IEF 16863; IEFbe 2202; LS&R 1464; ECLI:EU:C:2017:458; C-422/16 (TofuTown) Merknamen. Verkoopbenaming. Verzoekster is een vennootschap die vegetarische/vegane levensmiddelen produceert en distribueert onder benamingen als Tofubutter, pflanzenkäse, veggie-cheese e.d.. Uit het persbericht: Zuiver plantaardige producten mogen in beginsel niet worden afgezet onder benamingen zoals „melk”, „room”, „boter”, „kaas” of „yoghurt”, die door het Unierecht worden voorbehouden aan producten van dierlijke oorsprong Dit geldt ook wanneer die benamingen worden vervolledigd door verduidelijkende of beschrijvende aanvullingen die wijzen op de plantaardige oorsprong van het betrokken product. Er bestaat echter een lijst met uitzonderingen. HvJ EU (Duits):

Art. 78 Abs. 2 und Anhang VII Teil III der Verordnung (EU) Nr. 1308/2013 des Europäischen Parlaments und des Rates vom 17. Dezember 2013 über eine gemeinsame Marktorganisation für landwirtschaftliche Erzeugnisse und zur Aufhebung der Verordnungen (EWG) Nr. 922/72, (EWG) Nr. 234/79, (EG) Nr. 1037/2001 und (EG) Nr. 1234/2007 des Rates sind dahin auszulegen, dass sie dem entgegenstehen, dass die Bezeichnung „Milch“ und die nach dieser Verordnung ausschließlich Milcherzeugnissen vorbehaltenen Bezeichnungen bei der Vermarktung oder Werbung zur Bezeichnung eines rein pflanzlichen Produkts verwendet werden, und zwar selbst dann, wenn diese Bezeichnungen durch klarstellende oder beschreibende Zusätze ergänzt werden, die auf den pflanzlichen Ursprung des in Rede stehenden Produkts hinweisen, es sei denn, das Erzeugnis ist in Anhang I des Beschlusses 2010/791/EU der Kommission vom 20. Dezember 2010 zur Festlegung des Verzeichnisses der Erzeugnisse gemäß Anhang XII Abschnitt III Nummer 1 Unterabsatz 2 der Verordnung Nr. 1234/2007 des Rates aufgeführt.

Gestelde vragen (LS&R 1375)

1. Kan artikel 78, lid 2, van verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 [hierna: “verordening (EU) nr. 1308/2013”] aldus worden uitgelegd dat de in bijlage VII opgenomen definities, aanduidingen en verkoopbenamingen niet moeten voldoen aan de overeenkomstige in die bijlage vastgestelde eisen, wanneer de betrokken definities, aanduidingen of verkoopbenamingen worden vervolledigd door verduidelijkende of beschrijvende aanvullingen (zoals “tofuboter” voor een zuiver plantaardig product)? 2. Dient bijlage VII, deel III, punt 1, bij verordening (EU) nr. 1308/2013 aldus te worden uitgelegd dat de benaming “melk” uitsluitend is voorbehouden aan het product dat normaal door de melkklieren wordt afgescheiden en bij één of meer melkbeurten is verkregen, zonder dat daaraan stoffen worden toegevoegd of onttrokken, of mag de benaming “melk” – in voorkomend geval met toevoeging van toelichtende begrippen zoals „sojamelk” – ook voor plantaardige (vegane) producten worden gebruikt bij de afzet ervan? 3. Dient bijlage VII, deel III, punt 2, met betrekking tot artikel 78 van verordening (EU) nr. 1308/2013 aldus te worden uitgelegd dat de aldaar onder punt 2, a), vermelde benamingen, zoals met name “wei”, “room”, “boter”, “karnemelk” of “botermelk”, “kaas”, “yoghurt”, of het begrip “slagroom” enz., uitsluitend aan zuivelproducten zijn voorbehouden, of kunnen ook zuiver plantaardige/vegane producten, die zonder melk (van dierlijke oorsprong) zijn geproduceerd, binnen de werkingssfeer van bijlage VII, deel III, punt 2, bij verordening (EU) nr. 1308/2013 vallen?