LS&R 1370

Masterclass: Juridische academisch schrijven: Geen Nood! Iedereen kan het leren

masterclass juridisch academisch schrijven-header

De redactie van het tijdschrift AMI organiseert met deLex de Masterclass: Juridische academisch schrijven: Geen Nood! Iedereen kan het leren.

Op donderdag 13 oktober 2016 organiseert deLex, in samenwerking met de redactie van AMI de Masterclass ‘Juridisch academisch schrijven’. Wie de masterclass volgt, beschikt daarna over voldoende houvast voor het schrijven van een gedegen, maar prettig leesbare wetenschappelijke publicatie, een beschouwing over actuele ontwikkelingen of een annotatie. Bij de bevestiging van de inschrijving worden deelnemers uitgenodigd om hun idee voor een publicatie, of indien voorhanden een synopsis of zelfs conceptartikel in te brengen zodat in de cursus (desgewenst) optimaal kan worden ingespeeld op de behoeften en vaardigheden van de deelnemers. Bekende schrijvers en annotatoren geven uitleg:

LS&R 1373

Persbericht: Commissie verwelkomt arresten van het Hof in Lundbeck beslissing in eerste farma ‘pay-for-delay' zaak

8 sep 2016, LS&R 1373; (Oordeel General Court n.a.v. de European Commission), http://www.lsenr.nl/artikelen/persbericht-commissie-verwelkomt-arresten-van-het-hof-in-lundbeck-beslissing-in-eerste-farma-pay-for
Europeaan Commission

Persbericht European commission 8 september 2016, IEF 1624; IEFBE 1927; LS&R 1373; cases T-472/13, T-460/13, T-467/13, T-469/13, T-470/13, T-471/13 (Oordeel General Court n.a.v. de European Commission)

Op 8 september heeft het Gerecht het oordeel van de Commissie in de ‘Lundbeck decision’ gehandhaafd met betrekking tot de pay-for-delay overeenkomst over de EU antitrustregels. In een dergelijke overeenkomst betaalt een originele farmaceutische de fabrikant van generieke producten om weg te blijven van de markt.
Het gerecht heeft op 8 september de bevindingen van de Commissie bevestigd. Het is de eerste keer dat er geoordeeld wordt over de pay-for-delay overeenkomst in de farmaceutische sector. In het bijzonder is er geoordeeld dat de commissie had het bij het juiste eind door te stellen dat generics competitors instemde met Lundbeck om weg te blijven van de markt in ruil voor waardevolle transfers en andere stimulansen, waarmee er een ‘afkopen van concurrentie’ werd gevormd.
De Commissie heeft terecht vastgesteld dat de overeenkomst de concurrentiedruk van de generic competitors elimineerde en er sprake is van een beperking van mededinging. Bovendien was Lundbeck niet in staat om te verantwoorden waarom de specifieke overeenkomsten nodig zijn om haar intellectuele eigendom te beschermen.

LS&R 1372

Module van alternatieve geneeswijzen is geen auteursrechtelijk beschermd werk

Hof Amsterdam 26 apr 2016, LS&R 1372; ECLI:NL:GHAMS:2016:1729 (module alternatieve geneeswijze en auteursrecht), http://www.lsenr.nl/artikelen/module-van-alternatieve-geneeswijzen-is-geen-auteursrechtelijk-beschermd-werk
Medicijnen

Hof Amsterdam 26 april 2016, IEF 16240; LS&R 1372; ECLI:NL:GHAMS:2016:1729 (module alternatieve geneeswijze) Alternatieve geneeskunst. Auteursrecht. De module van alternatieve geneeswijzen waar het om gaat (bestaande uit een ordening van aandoeningen, therapieën en toe te passen middelen) is geen werk in de zin van de Auteurswet. Dit komt doordat de benamingen gebruikelijk zijn en algemeen gebruikt worden. Ook de ordening van termen maakt de module geen werk in de zin van de Auteurswet. Er is dus geen sprake van inbreuk op auteursrecht. Wat betreft het onrechtmatig profiteren van wanprestatie geldt een bewijsopdracht.

LS&R 1371

Vochtgehaltes zijn arbitraire parameterwaarden, niet inventieve conclusies

Rechtbank Den Haag 7 sep 2016, LS&R 1371; ECLI:NL:RBDHA:2016:10815 (Teva tegen Boehringer Ingelheim), http://www.lsenr.nl/artikelen/vochtgehaltes-zijn-arbitraire-parameterwaarden-niet-inventieve-conclusies
Boehringer Ingelheim

Rechtbank Den Haag 7 september 2016, LS&R 1371; IEF 16236; ECLI:NL:RBDHA:2016:10815 (Teva / Boehringer Ingelheim - VRO) Octrooirecht. Boehringer was houdster van het aanvullend beschermingscertificaat (ABC) dat op 11 maart 2016 verlopen is. Het gaat in het geding o.a. om de vraag of de gestelde uitvinding volgens EP 220 voldoende uitvindingshoogte heeft. Bepalend voor deze vraag is of de uitvinding voor de gemiddelde vakman een niet voor de hand liggende wijze voortvloeit uit de stand van techniek. De rechtbank onderzoekt aan de hand van de problem-and-solution-approach: de vochtgehaltes arbitraire parameterwaarden zijn die geen inventiviteit aan deze conclusies kunnen verlenen. In het octrooi ontbreekt iedere vermelding of uitleg omtrent de in de gewijzigde conclusies geclaimde lagere vochtgehaltes zodat ook voor deze conclusies geldt dat er geen technisch effect plausibel is gemaakt en die gehaltes bij de beoordeling van de inventiviteit evenzeer buiten beschouwing dienen te blijven.

LS&R 1369

Handelsvergunning vereist indien reclame voor product medische werking impliceert

Reclame Code Commissie 23 aug 2016, LS&R 1369; Dossiernr: 2016/00442 (Rain Core + Rain Soul), http://www.lsenr.nl/artikelen/handelsvergunning-vereist-indien-reclame-voor-product-medische-werking-impliceert
Rain core/soul drank

Vz. RCC 23 augustus 2016, RB 2774; LS&R 1369; Dossiernr: 2016/00442 (bestreden reclame-uiting ‘rain product’) Toewijzing. Misleidende reclame. Medische claims. De klacht: Klager stelt dat op de website voor Rain Core en Rain Soul diverse gezondheidsclaims worden gebruikt die niet zijn toegestaan door de Europese Commissie. Hierdoor wordt de consument misleid. De uitingen vallen onder de competentie van de KOAG. De uitingen zijn niet ter preventieve toetsing aan de KOAG voorgelegd en niet van een toelatingsnummer voorzien. Indien de betreffende uitingen wel zouden zijn voorgelegd, had de Keuringsraad KOAG/KAG de ze niet van een toelatingsnummer voorzien, aangezien er gebruikt wordt gemaakt van diverse medische claims. Naar oordeel van de voorzitter is er er een handelsvergunning vereist indien een product medische werking impliceert.

LS&R 1368

Kankerpatiënt in reclame over 'superfood' misleidend?

Reclame Code Commissie 17 aug 2016, LS&R 1368; Dossiernr: 2016/00571 (NutriBullet blender), http://www.lsenr.nl/artikelen/kankerpati-nt-in-reclame-over-superfood-misleidend
NutriBullet blender

RCC 17 augustus 2016, RB 2768 en LS&R 1363; Dossiernr: 2016/00571 (NutriBullet blender) Gedeeltelijke aanbeveling. Misleidende reclame. Het betreft een reclame-uiting waarin een blender gepresenteerd wordt alsof het gewoon voedsel in ‘superfood' omzet en speciaal ontworpen is om celwanden van voedsel te verpulveren waardoor voedingsstoffen vrij komen. In de infomercial vertelt een kankerpatiënt over haar ervaringen met de NutriBullet: “Helaas bleek ik kanker te hebben (…) Maar als je die pruik dan afzet en het resultaat van de chemo ziet, is dat heel moeilijk te verwerken. Ik was zo blij. Toen ik het effect voelde van die tweede NutriBlast was ik door het dolle heen van vreugde.”
De klacht: Dat de NutriBullet fruit (en dergelijke) op celniveau “opbreekt”, is volkomen onzin. De uiting is op dat punt misleidend. Door het tonen van een kankerpatiënt in de infomercial, die vertelt over haar ervaringen met de NutriBullet, wordt bovendien de indruk gewekt dat dit apparaat bijdraagt aan de genezing van kanker.

LS&R 1363

Boete orthodontist voor onterechte declaraties en publicatie boetebesluit

Rechtbank Rotterdam 5 jul 2016, LS&R 1363; ECLI:NL:RBROT:2016:5030 (boete orthodontist onterechte declaraties), http://www.lsenr.nl/artikelen/boete-orthodontist-voor-onterechte-declaraties-en-publicatie-boetebesluit

Rechtbank Rotterdam 5 juli 2016, LS&R 1363; ECLI:NL:RBROT:2016:5030 (Nza legt boete op aan orthodontistpraktijk voor onterechte declaraties)
NZa legt een boete op aan een praktijk voor orthodontie voor verkeerd declareren. De bestuurlijke boete ziet met name op het in afwijking van het door NZa vastgestelde tariefstelsel in rekening brengen van een behandelplan via een praktijk in Duitsland. De praktijk voor orthodontie heeft bezwaar gemaakt tegen de publicatie van het boetebesluit en de voorzieningenrechter gevraagd dit te verbieden. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening toe, in die zin dat zij bepaalt dat openbaarmaking van het bestreden besluit slechts plaats mag vinden indien NZa dat doet zonder vermelding van het boetebedrag en de cijfermatige onderbouwing daarvan en dat zij bepaalt dat NZa bij het uitbrengen van een nieuwsbericht de vermelding van die bedragen en de voorgenomen waarschuwing aan eventuele gedupeerden achterwege laat.

LS&R 1362

Psychiatrische behandeling wordt niet vergoed

Hof Den Haag 2 aug 2016, LS&R 1362; ECLI:NL:GHDHA:2016:2241 (Vergoeding psychiatrische behandeling), http://www.lsenr.nl/artikelen/psychiatrische-behandeling-wordt-niet-vergoed

Gerechtshof Den Haag 2 augustus 2016, LS&R 1361; ECLI:NL:GHDHA:2016:2241 (psychiatrische behandeling wordt niet vergoed) Appellant is in onder psychiatrische behandeling geweest van geïntimeerde. Na het einde van de behandeling bleek dat de zorgverzekering van appellant de behandeling niet vergoedt. De geïntimeerde een factuur gezonden aan de appellant met het verzoek het  verschuldigde bedrag over te maken. Appellant heeft de factuur onbetaald gelaten. De eiser heeft nagelaten voorafgaand toestemming tot vergoeding voor de kosten door de verzekeraar te vragen. Dit risico is voor de eiser dus geen vergoeding van de factuur.

LS&R 1367

Reclame-uiting zonder toelatingsnummer en ongeregistreerd geneesmiddel

Reclame Code Commissie 27 jul 2016, LS&R 1367; Dossier: 2016/00451 (Reclame zonder toelatingsnummer en ongeregistreerd geneesmiddel), http://www.lsenr.nl/artikelen/reclame-uiting-zonder-toelatingsnummer-en-ongeregistreerd-geneesmiddel

Vz. RCC 27 juli 2016, RB 2760 en LS&R 1367; Dossiernr: 2016/00451 (reclame-uiting zonder toelatingsnummer en ongeregistreerd geneesmiddel)
Toewijzing. Reclame. Gezondheid. Toelatingsnummer. Ongeregistreerd geneesmiddel. Het betreft de verpakking van het product “Lucovitaal Puur en Groen Lactose Gluten Intolerantie” voor zover op deze verpakking de volgende mededelingen staan: “Lactose Gluten Intolerantie.” “Verbetert de vertering van voeding met gluten en lactose.”
De klacht: De claim op de verpakking is misleidend en ronduit gevaarlijk. Mensen met een Coeliakie die het product gebruiken kunnen hiervan ernstige darmschade oplopen en ziek worden. De uiting valt onder de competentie van de Keuringsraad Aanprijzing Gezondheidsproducten. De uiting is niet ter preventieve toetsing aan de Keuringsraad voorgelegd en derhalve niet van een toelatingsnummer voorzien. Derhalve is sprake van een ongeregistreerd geneesmiddel volgens het aandieningscriterium, dat wil zeggen dat door het gebruik van medische claims het product wordt gepositioneerd als een geneesmiddel waarvoor de wettelijk vereiste handelsvergunning niet is afgegeven. De uiting is daarom in strijd met artikel 3c en 4 Code Publieksreclame voor Geneesmiddelen (CPG) 2015 alsmede in strijd met artikel 84 lid 2 Geneesmiddelenwet. De voorzitter oordeelt, in navolging van de Keuringsraad KOAG/KAG, dat het onderhavige product door de hiervoor weergegeven mededelingen volgens het aandieningscriterium (als bedoeld in artikel 1 aanhef en onder b Geneesmiddelenwet) als een geneesmiddel dient te worden gekwalificeerd. Daarnaast kan het doen van dergelijke mededelingen in reclame misleidend en gevaarlijk zijn.

 

 

LS&R 1366

Aanbeveling bij reclame voor 'allergeenvrije' tomatensoep

Reclame Code Commissie 21 jul 2016, LS&R 1366; Dossiernr: 2016/00430 (bestreden reclame-uiting over allergeenvrij product), http://www.lsenr.nl/artikelen/aanbeveling-bij-reclame-voor-allergeenvrije-tomatensoep

RCC 21 juli 2016, RB 2759; LS&R 1366; Dossiernr: 2016/00430 (bestreden reclame-uiting over allergeenvrij product) Aanbeveling. Reclame. Voeding. Het betreft een reclame voor tomatensoep waarin gezegd wordt dat dit 100% allergeenvrij is. Klacht: In de uiting wordt vermeld dat de tomaten- en groentesoep (100%) allergeenvrij zijn. Volgens klager is dit misleidend. Klager vermoedt dat adverteerder hiermee wellicht bedoelt dat deze producten vrij zijn van de 14 in de EU wetgeving genoemde declareerbare allergenen. Maar (100%) allergeenvrij is niet hetzelfde als vrij van declareerbare allergenen. In deze producten zitten diverse kruiden, waaronder knoflook en peper waartegen allergie bekend is bij 2% van de bevolking. Ook zitten in deze producten gistextracten, groenten en tomaten waartegen allergieën bekend zijn. De Commissie  beveelt adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.

LS&R 1365

Reclame 'allergeenvrij' rundvleesproduct

Reclame Code Commissie 21 jul 2016, LS&R 1365; Dossiernr: 2016/00432 (Reclame over allergeenvrij product), http://www.lsenr.nl/artikelen/reclame-allergeenvrij-rundvleesproduct

RCC 21 juli 2016, RB 2758, LS&R 1365; Dossiernr: 2016/00432 (reclame over allergeenvrij product) Aanbeveling. Reclame. Voedsel. Het betreft een reclame voor een braadstuk waarin wordt gezegd dat deze allergeenvrij is. Klacht: Rundvlees is volgens klager een bekende allergeen. Volgens de EU allergenenwetgeving hoeft deze allergeen niet vermeld te worden, maar ongeveer 10% van de mensen met een koemelkeiwitallergie hebben ook een rundvleesallergie. De in de uiting genoemde producten zijn derhalve niet allergeenvrij, zodat de uiting volgens klager misleidend is. De Commissie beveelt adverteerder aan om niet meer op een dergelijke wijze reclame te maken.

LS&R 1364

Zienswijze ACM voorwaarden voor declareren voor paramedici

ACM 22 januari 2016, LS&R 1364; Zaaknummer: 15.1255.53 (zienswijze declaratievoorwaarde paramedische specialisaties) Uit het persbericht: De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) heeft aan Autoriteit Consument & Markt (ACM) gevraagd of een voorwaarde om te mogen declareren bij een zorgverzekeraar verenigbaar is met de mededingingsregels. Het gaat om behandelingen in de paramedische zorg, zoals fysiotherapie en logopedie.

Paramedici mochten bepaalde behandelingen pas bij de zorgverzekeraar declareren als zij in een register staan dat door Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en de brancheorganisatie was aangewezen. In haar zienswijze concludeert ACM dat deze voorwaarde risico’s voor de concurrentie oplevert, onder andere omdat bracheorganisaties en ZN door de declaratievoorwaarde als poortwachter fungeerden voor andere organisaties die een register willen aanbieden. De NZa had daarbij geen normen gesteld. De NZa heeft de declaratievoorwaarde inmiddels geschrapt.

 

LS&R 1361

Tandarts is onbevoegd, onbekwaam en past upcoding toe

Rechtbank Rotterdam 13 jul 2016, LS&R 1361; ECLI:NL:RBROT:2016:5812 (Declaratie onbevoegde tandarts), http://www.lsenr.nl/artikelen/tandarts-is-onbevoegd-onbekwaam-en-past-upcoding-toe

Rechtbank Rotterdam 13-07-2016, LS&R 1361; ECLI:NL:RBROT:2016:5812 (declareren tandheelkundige behandeling bij onbekwame en onverantwoorde zorg) Tandarts. Declaratie. Het gaat om het vaststellen van fraude met betrekking tot een tandheelkundige behandeling door een onbevoegde en onbekwame tandarts. Richting DSW de schijn is gewekt dat ingediende declaraties verband hielden met door of onder verantwoordelijkheid van een bevoegde tandarts verrichte behandelingen. Gebleken is dat de betrokken verzekerden zijn behandeld door een niet bevoegde en niet bekwame “tandarts.” Bovendien is gebleken dat in veel gevallen niet de feitelijk door gedaagde verrichte behandelingen zijn geadministreerd en gedeclareerd, maar dat stelselmatig andere, duurdere, behandelingen in rekening zijn gebracht (“upcoding”).

 

LS&R 1359

Thuiszorg Evean verstrekken medisch dossier overleden moeder

Gerechtshoven 5 jul 2016, LS&R 1359; ECLI:NL:GHAMS:2016:2698 (Verstrekken medisch dossier thuiszorg), http://www.lsenr.nl/artikelen/thuiszorg-evean-verstrekken-medisch-dossier-overleden-moeder

Gerechtshof Amsterdam 5 juli 2016, LS&R 1359; ECLI:NL:GHAMS:2016:2698 (Verstrekken medisch dossier thuiszorg) Zie eerder Kort Geding [IT 2029]. Medisch dossier. Vrouw leed aan de spierziekte ALS en werd verpleegd en verzorgd door Evean Thuiszorg. De zoon van de overleden vrouw heeft verzocht om een afschrift van het medisch dossier van zijn moeder. Ondanks de schriftelijke machtiging aan de zoon om alle medische informatie over haar op de vragen, weigert geïntimeerde dit. De zoon verwijt thuiszorg van onzorgvuldige behandeling en verpleging. Voor het indienen en formuleren van een klacht tegen de thuiszorginstelling is het niet redelijkerwijs noodzakelijk dat appellant de beschikking krijgt over het door geïntimeerde aangelegde medisch dossier. Er bestaan niet voldoende concrete aanwijzingen dat aan de zijde van appellant een zodanig zwaarwegend belang geschaad zou kunnen worden dat inbreuk gemaakt kan worden op het belang van geheimhouding.

LS&R 1358

"Bewezen oplossing voor uw prostaatproblemen" en in strijd met Geneesmiddelenwet

Reclame Code Commissie 7 jun 2016, LS&R 1358; Dossiernr: 2016/00368 (Reclame prostaatproblemen), http://www.lsenr.nl/artikelen/bewezen-oplossing-voor-uw-prostaatproblemen-en-in-strijd-met-geneesmiddelenwet

RCC 7 juni 2016, RB 2752; LS&R 1358; Dossiernr: 2016/00368 (reclame prostaatproblemen) Toewijzing. Garantie. Klacht: In de mailing staat dat het product Prostate Support Formula mannen bewezen en gegarandeerd bevrijdt van prostaatproblemen en dat het betere en snellere resultaten geeft dan welk middel dan ook. Nu de mailing aan klager persoonlijk is gericht, wekken zinsneden als “De oplossing voor uw prostaatproblemen” en “Ik garandeer dat ons product ook u kan helpen!” de verwachting dat het product specifiek klager van de problemen afhelpt. Tijdens het gebruik van Prostate Support Formula bleken klagers klachten echter te verergeren. Het door de huisarts in plaats daarvan aan klager voorgeschreven middel blijkt veel betere en snellere resultaten te geven. Klager vindt de reclame daarom misleidend en bovendien levensbedreigend, omdat mannen hierdoor te lang met prostaatproblemen kunnen blijven rondlopen met kwaadaardige kanker tot gevolg. De reclame met de daarin voorkomende gezondheidsclaims is volgens klager verboden.

LS&R 1357

Homeopathie en misleidende reclame

Reclame Code Commissie 20 jul 2016, LS&R 1357; Dossiernr: 2016/00371 (Homeopathie en misleidende reclame), http://www.lsenr.nl/artikelen/homeopathie-en-misleidende-reclame
homeopathieschipper

Vz. RCC 20 juli 2016, RB 2751; Dossiernr: 2016/00371 (Homeopathische behandeling)  Toewijzing. Klacht: Het betreft de volgende (mededelingen op) subpagina’s van de website www.homeopathieschipper.nl: 1. “Kinkhoest en kinkhoestachtige klachten zijn homeopathisch vaak goed te behandelen. Het genezingsproces bij kinkhoest wordt door het homeopathisch middel versneld door het stimuleren van het afweersysteem van het kind. Bij elk kind en type hoest kan weer een ander middel passen. Homeopathie is het gelijkende met het gelijkende genezen. Door een passend middel te geven wordt het immuunsysteem van het kind extra geprikkeld en geneest het kind veel sneller. Een ander voordeel is dat het kind na de kinkhoest minder vatbaar blijft. Normaal blijven kinderen na een kinkhoest-episode maanden tot een jaar vatbaarder voor allerlei virussen en bacteriën.” Er is geen bewijs dat kinkhoest 'vaak goed homeopathisch te behandelen is', noch dat het genezingsproces door een homeopathisch middel versneld wordt. Het is verder onjuist dat een kind na een homeopathische behandeling of toediening van een homeopathisch middel minder vatbaar zou zijn voor virussen en bacteriën. In de klacht wordt ook aandacht besteed aan andere homeopathische behandelingen, waaronder de ziekte van Lyme en de ziekte van Pfeiffer.

LS&R 1356

Misleidende reclame Chinese geneeskunde bij behandeling kankerpatiënt

Reclame Code Commissie 28 jul 2016, LS&R 1356; Dossiernr 2016/00416 Dossiernr: 2016/00548 (Chinese geneeskunde bij behandeling kankerpatiënt), http://www.lsenr.nl/artikelen/misleidende-reclame-chinese-geneeskunde-bij-behandeling-kankerpati-nt

Vz. RCC 28 juli 2016, RB 2750; Dossiernr 2016/00416 en Dossiernr: 2016/00548 (Chinese geneeskunde bij behandeling kankerpatiënt). Uit: Dossiernr 2016/00416: Toewijzing. Klacht: Dit betreft een getuigenis van een darmkankerpatiënt. Hoewel de titel rept van 'kanker te lijf' gaan met Chinese geneeskunde en de patiënt verklaart "Volgens de diagnose van Dhr. Song is de kanker al veel beter", wordt helemaal aan het einde opgemerkt dat de patiënt inmiddels is overleden. Het op deze wijze adverteren “over de rug van een overleden patiënt” is in strijd met de goede smaak en het fatsoen als bedoeld in artikel 2 van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Dat geldt ook en vooral voor de bewering dat de patiënt vanwege financiële redenen de behandeling bij adverteerder niet heeft kunnen voorzetten. Daarvan gaat de suggestie uit dat de patiënt nog had geleefd als hij de behandeling had kunnen betalen. Dat is smakeloos, want uit alles blijkt dat de diagnose van het ziekenhuis correct was en de patiënt niet meer te redden viel. Adverteerder is al eens eerder op de vingers getikt voor een advertentie die in strijd was met de goede smaak en het fatsoen (dossiernr. 2015/00550) en heeft daar kennelijk geen lering uit getrokken. De reclame is verder in strijd met artikel 7 NRC. Adverteerder wekt de indruk dat hij kanker kan behandelen en zelfs genezen met acupunctuur, Chinese kruiden en massage. De kop zegt immers “kanker te lijf met Chinese geneeskunde” en in de advertentie wordt beweerd dat de kanker van de patiënt al veel beter was.

LS&R 1355

Vraag aan HvJ EU: Kan software waarin invoer van persoonlijke gegevens mogelijk is, medisch hulpmiddel zijn?

8 jun 2016, LS&R 1355; (SNITEM et Philips France), http://www.lsenr.nl/artikelen/vraag-aan-hvj-eu-kan-software-waarin-invoer-van-persoonlijke-gegevens-mogelijk-is-medisch-hulpmiddel

Prejudiciële vragen gestelde aan HvJ EU 8 juni 2016, LS&R 1355, IT 2109, IEFbe 1895; C-329/16 (SNITEM et Philips France)
Via minbuza.nl: Verzoekers in deze door de verwijzende rechter gevoegde zaken komen op tegen een decreet wegens vermeende bevoegdheidsovertreding van verweerder (MinSZW). Het bezwaar betreft de in artikel L. 161-38 van het wetboek van sociale zekerheid bepaalde verplichting tot certificering van software dienende ter ondersteuning bij het voorschrijven en verstrekken van geneesmiddelen. Zij stellen dat het decreet strijdig is met RL 93/42 aangezien het tot gevolg heeft dat het in de handel brengen of de ingebruikneming van software waarop de voor medische hulpmiddelen bedoelde CE-markering is aangebracht, wordt verhinderd of beperkt en de in dit decreet bepaalde certificeringsplicht niet kan worden beschouwd als een vrijwaringsmaatregel in de zin van dat artikel. Verweerder verwerpt het beroep.

LS&R 1354

HvJ EU: Is einde van erkenningsprocedure onder 28 lid 4 Geneesmiddelenverordening hetzelfde als handelscertificaat

Hof van Justitie EU 28 jul 2016, LS&R 1354; (MSD tegen Comptroller-General), http://www.lsenr.nl/artikelen/hvj-eu-is-einde-van-erkenningsprocedure-onder-28-lid-4-geneesmiddelenverordening-hetzelfde-als-hand

Prejudiciële vraag gesteld aan HvJ EU 29 juli 2016, IEF 16169; IEFbe 1893; RB 2746; LS&R 1354 (MSD tegen Comptroller-General)
ABC. Octrooi. Erkenning handelsvergunning .

(1) Is an end of procedure notice issued by the reference member state under Article 28(4) of the Medicinal Products Directive equivalent to a granted marketing authorisation for the purposes of Article 3(b) of the SPC Regulation?
(2) If the answer to question (1) is no, is the absence of a granted marketing authorisation at the date of the application for a certificate an irregularity which can be cured under Article 10(3) of the SPC Regulation once the marketing authorisation has been granted?

LS&R 1353

Financiële afwikkeling uittredende specialist

Hof Arnhem-Leeuwarden 21 jun 2016, LS&R 1353; ECLI:NL:GHARL:2016:5034 (maatschap Chirurgen Maatschap Groningen tegen chirurg), http://www.lsenr.nl/artikelen/financi-le-afwikkeling-uittredende-specialist

Hof Arnhem-Leeuwarden 21 juni 2016, LS&R 1353; ECLI:NL:GHARL:2016:5034 (maatschap Chirurgen Maatschap Groningen tegen chirurg)
Financiële afwikkeling rond het uittreden door een van de leden van een maatschap van medisch specialisten. Aan orde komen de vraag of de maatschap heeft gecontracteerd met de uittredende arts persoonlijk dan wel met zijn praktijkvennootschap en de waardering van het onderhanden werk in het kader van de veranderende regelgeving en vergoedingensystematiek (DBC’s) bij het ontbreken van een specifieke bepaling dienaangaande in het maatschapscontract.