Gepubliceerd op woensdag 21 oktober 2026
LS&R 2492
Rechtbank Den Haag ||
2 okt 2026,
Rechtbank Den Haag 2 okt 2026,, LS&R 2492; ECLI:NL:RBDHA:2026:29194 (Spoor 6 tegen Zilveren Kruis c.s), https://www.lsenr.nl/artikelen/zilveren-kruis-mag-machtigingsaanvragen-voor-verslavingszorg-in-zuid-afrika-niet-weigeren-vanwege-therapeutisch-proefverlof-in-het-buitenland

Zilveren Kruis mag machtigingsaanvragen voor verslavingszorg in Zuid-Afrika niet weigeren vanwege therapeutisch proefverlof in het buitenland

Rb. Den Haag 2 oktober 2026, LS&R 2492; ECLI:NL:RBDHA:2026:29194 (Spoor 6 tegen Zilveren Kruis c.s.). Spoor 6 B.V., een niet-gecontracteerde aanbieder van ambulante en klinische verslavingszorg, is een kort geding gestart tegen Zilveren Kruis en drie andere zorgverzekeraars over de vergoeding van klinische verslavingsbehandelingen in Zuid-Afrika. Spoor 6 werkt voor deze behandelingen samen met een Zuid-Afrikaanse partnerkliniek, waarbij patiënten ook ter plaatse therapeutisch proefverlof krijgen om vaardigheden buiten de kliniek te oefenen. Zilveren Kruis vergoedde deze behandelingen al sinds 2011, maar besloot vanaf 1 augustus 2026 machtigingsaanvragen niet langer in behandeling te nemen. Volgens de zorgverzekeraars voldoet klinische verslavingszorg in het buitenland niet aan de stand van de wetenschap en praktijk, omdat het therapeutisch proefverlof daar niet in de eigen leefomgeving van de patiënt plaatsvindt. Spoor 6 stelt dat deze nieuwe voorwaarde geen steun vindt in de geldende professionele standaarden en het advies van Zorginstituut Nederland. Zij vordert daarom dat de zorgverzekeraars de machtigingsaanvragen weer in behandeling nemen en deze niet uitsluitend vanwege de locatie van het therapeutisch proefverlof afwijzen.

De voorzieningenrechter stelt voorop dat zorgverzekeraars geen beleid mogen voeren dat de toegang tot verzekerde zorg op grond van de Zorgverzekeringswet structureel beperkt of bemoeilijkt. Omdat Zilveren Kruis de behandelingen jarenlang heeft vergoed, ligt het in dit kort geding op haar weg om voldoende aannemelijk te maken dat klinische verslavingszorg in het buitenland, waarbij ook het therapeutisch proefverlof daar plaatsvindt, niet voldoet aan de stand van de wetenschap en praktijk. Daarin zijn de zorgverzekeraars volgens de voorzieningenrechter niet geslaagd. De aangehaalde richtlijnen en publicaties bieden onvoldoende grondslag voor een categorische uitsluiting van therapeutisch proefverlof in het buitenland. Bovendien blijkt uit een advies van Zorginstituut Nederland dat therapeutisch proefverlof niet noodzakelijk in de thuissituatie hoeft plaats te vinden, maar ook in de omgeving van de kliniek mogelijk is. De voorzieningenrechter gebiedt Zilveren Kruis en de andere zorgverzekeraars daarom om eerder niet-behandelde machtigingsaanvragen, voor zover de verzekerden deze handhaven, alsnog te beoordelen en nieuwe aanvragen in behandeling te nemen, zonder de eis te stellen dat therapeutisch proefverlof in de eigen leefomgeving moet plaatsvinden. Ook mogen zij behandelingen niet uitsluitend om die reden geheel of gedeeltelijk onvergoed laten. Aan de geboden en het verbod wordt een dwangsom van € 20.000 per dag verbonden, met een maximum van € 500.000 per dwangsom. Een definitief oordeel over de vraag of de behandelingen tot de verzekerde zorg behoren, moet in een bodemprocedure worden gegeven.

4.18.

De voorzieningenrechter stelt vast dat Spoor 6 met juistheid aanvoert dat de beleidswijziging van Zilveren Kruis c.s. in ieder geval niet is geënt op nieuwe richtlijnen of standpunten van het Zorginstituut of op grond van recente of nieuwe wetenschappelijke publicaties, met uitzondering van het niet in het geding gebrachte rapport van de IGJ. Maar dat rapport ziet op de kwaliteit van de zorgaanbieders en gaat niet over de vraag of klinische verslavingszorg in het buitenland in zijn algemeenheid voldoet aan de stand van de wetenschap en praktijk.

4.19.

Ook op basis van de overige door Zilveren Kruis c.s. aangehaalde publicaties is de voorzieningenrechter van oordeel dat Zilveren Kruis c.s. (in ieder geval op dit moment) onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat therapeutisch proefverlof als onderdeel van de klinische verslavingszorgbehandeling niet in het buitenland zou kunnen plaatsvinden en dat die zorg niet voldoet aan de stand van de wetenschap en praktijk. Dat de bezwaren van Zilveren Kruis c.s. bij een proefverlof in het buitenland minst genomen wel te volgen zijn, is onvoldoende ter onderbouwing van de stelling dat de beleidswijziging is toegestaan omdat de klinische verslavingsbehandeling in het buitenland niet voldoet aan de stand van de wetenschap en praktijk. Daar komt bij dat de ter zitting naar voren gebrachte signalen die Zilveren Kruis c.s. van verzekerden hebben ontvangen niet nader zijn geconcretiseerd en ook niet inzichtelijk zijn gemaakt. Verder is van belang dat het advies van het Zorginstituut in de procedure bij de SKGZ – dat weliswaar niet heeft te gelden als een standpunt van het Zorginstituut als bedoeld in artikel 64 Zvw – proefverlof in het buitenland niet categorisch afwijst; integendeel.

4.20.

Zilveren Kruis c.s. hebben nog omstandigheden aangedragen waaruit zou blijken dat therapeutisch proefverlof in Nederland passender en effectiever zou zijn dan therapeutisch proefverlof in het buitenland. Zilveren Kruis c.s. betogen dat vanwege die omstandigheden therapeutisch proefverlof volgens de beroepsgroep geen verslavingszorg is zoals medisch specialisten en klinisch-psychologen die plegen te bieden. De voorzieningenrechter is van oordeel dat Zilveren Kruis c.s. die conclusie onvoldoende heeft onderbouwd. Het enkele feit dat therapeutisch proefverlof in Nederland passender en effectiever zou zijn dan therapeutisch proefverlof in het buitenland betekent op zichzelf nog niet dat de klinische verslavingsbehandeling in het buitenland daarmee geen verzekerde zorg is.

4.21.

Dit alles leidt ertoe dat Zilveren Kruis c.s. de door Spoor 6 ingediende machtigingsaanvragen voor klinische verslavingszorg in haar partnerkliniek in Zuid-Afrika (vooralsnog) in behandeling dient te nemen en die aanvragen niet mag afwijzen op de (enkele) grond dat het therapeutisch proefverlof, als onderdeel van de klinische verslavingsbehandeling, in die partnerkliniek van Spoor 6 in Zuid-Afrika plaatsvindt.

4.22.

Voor het definitieve oordeel over de vraag of klinische verslavingsbehandelingen in het buitenland, waarbij ook het proefverlof in het buitenland plaatsvindt, behoren tot de stand van de wetenschap en praktijk is een bodemprocedure aangewezen. Een duidelijk standpunt van het Zorginstituut zou daarbij zeer behulpzaam zijn. Voor nu zal Zilveren Kruis c.s. worden geboden om de machtigingsaanvragen (zo nodig: alsnog) in behandeling te nemen, en deze machtigingsaanvragen te beoordelen zonder daarbij de eis te hanteren dat het therapeutisch proefverlof in de eigen (woon- en/of leef)omgeving van de desbetreffende verzekerde moet (kunnen) plaatsvinden. Daarmee samenhangend zal het Zilveren Kruis c.s. worden verboden om een klinische behandeling door Spoor 6 (deels) niet te vergoeden op de enkele grond dat het therapeutisch proefverlof niet in de eigen (woon- en/of leef)omgeving van de desbetreffende verzekerde kan plaatsvinden, althans heeft plaatsgevonden. Het gevorderde onder III zal worden afgewezen, nu dat al onderdeel uitmaakt van het onder I en II gevorderde.