LS&R 1986

Benelux Merkencongres. Aanmelden is nog mogelijk!

We gaan weer live, met een optie om online deel te nemen: het Benelux Merkencongres vindt nog één keer plaats in het Auditorium bij De Brauw Blackstone Westbroek! Met diverse sprekers, actuele onderwerpen en dit keer weer ouderwets gelegenheid tot netwerken bij de borrel.
Onder begeleiding van dagvoorzitters Tobias Cohen Jehoram (De Brauw Blackstone Westbroek, EUR) en Martin Senftleben (IViR, Bird&Bird) passeren de volgende onderwerpen de revue:

- Actualiteiten merkenrecht, prof. mr. Tobias Cohen Jehoram
- Merkinschrijving en verklaringen ten aanzien van beoogd gebruik, prof. dr. Martin Senftleben
- Verwijzend merkgebruik, Mifare (NXP vs Infineon), Allard Ringnalda (Klos cs)

LS&R 1984

Boete na niet nakomen vaststellingsovereenkomst

1 sep 2021, LS&R 1984; ECLI:NL:RBROT:2021:8683 (Flexpower tegen Olimp), http://www.lsenr.nl/artikelen/boete-na-niet-nakomen-vaststellingsovereenkomst

Rechtbank Rotterdam 1 september 2021, IEF 20172, LS&R 1984; ECLI:NL:RBROT:2021:8683 (Flexpower tegen Olimp) Flexpower is houdster van het Uniemerk FLEXPOWER en brengt onder deze naam medicinale sportcrème op de markt. Olimp is een Poolse farmaceutische onderneming, die zich onder meer bezighoudt met de productie en verkoop van voedingssupplementen. Eén van deze producten betreft collageen poeder onder de naam Flexpower. Op 10 januari 2020 is er tussen beide partijen een vaststellingsovereenkomst gesloten, waarbij is afgesproken dat Olimp niet langer gebruik zou maken van het merk Flexpower. Echter stelt Flexpower dat het Inbreuk-product sinds 8 juli 2020 online nog door tientallen distributeurs en wederverkopers van Olimp is aangeboden en dat Olimp daarom toerekenbaar tekortschiet in de nakoming van haar verplichtingen. Olimp brengt hier tegenin dat zij zich slechts verbonden tot een inspanning, niet tot een resultaat. Daarnaast staat het Inbreuk-product nog op de Facebook en YouTube accounts van Olimp. Dit resulteert in een boete, die op grond van redelijkheid en billijkheid nog gematigd wordt. 

LS&R 1983

Nederlands Octrooicongres op 7 oktober

Op donderdag 7 oktober vindt het tweede deel van het Nederlands Octrooicongres 2021 plaats. Aanmelden voor dit middagprogramma is nog mogelijk. Op de agenda staan onder meer:

- Beslissingen van het EOB 2020-2021, Frederic Bostedt
- Nawerkbaarheid (Regeneron-arrest), Simon Dack
- Varia octrooipraktijk  – (n.a.v. Biogen/Richter), Interactief deel
- UPC, stand van zaken en nieuwe ontwikkelingen, Paul van Beukering

LS&R 1982

Herziene editie The Dutch Copyright Act 2021

Vandaag verschijnt het boek Auteurswet / The Dutch Copyright Act 2021, de herdruk op de uitgave uit 2015. Deze herziene uitgave bevat de implementatie van de DSM-richtlijn en de Richtlijn Online Omroep 2021. De margekopjes, verwijzingen en andere aanvullingen zijn toegevoegd door Visser Schaap & Kreijger, een advocatenkantoor gespecialiseerd in intellectuele eigendom, media en mededinging. De uitgave bevat ook een Engelse vertaling van die geconsolideerde tekst van de Auteurswet. Deze vertaling is bewerkt en aangevuld door Hendriks & James, een juridisch vertaalbureau, mede gespecialiseerd in teksten op het gebied van de intellectuele eigendom.
Bestel het boek hier of via de boekhandel of Bol.com.

LS&R 1981

Najaarscongressen deLex

Save the date voor de deLex najaarscongressen 2021:

- 5 oktober Benelux Merkencongres
- 7 oktober Nederlands Octrooicongres
- 25 november Nationaal Mediarechtcongres
- 2 december IE-Winterforum
- 16 december Nationaal Reclamerechtcongres

Meer weten: kijk op de IE-agenda, klik hier of mail naar info@delex.nl voor meer informatie.

LS&R 1979

Onvoldoende onderbouwd belang rectificatie

Rechtbank Rotterdam 22 jun 2021, LS&R 1979; ECLI:NL:RBROT:2021:7868 (BSI tegen Comedical), http://www.lsenr.nl/artikelen/onvoldoende-onderbouwd-belang-rectificatie

Vzr. Rechtbank Rotterdam 22 juni 2021, IEF 20148, IT 1979; ECLI:NL:RBROT:2021:7868 (BSI tegen Comedical) Kort geding. Eiser BSI is gespecialiseerd in het ontwikkelen van hoogwaardige medische hulpmiddelen. Verweerder Comedical is een bedrijf dat zich richt op de ontwikkeling en distributie van radiofrequente apparatuur en katheters en naalden voor een minimale invasieve behandeling van chronische pijn. Comedical heeft via diverse kanalen een aantal uitlatingen gedaan over BSI en haar producten. BSI eist onder meer rectificatie. Negatieve berichtgeving op Facebook wordt verwijderd. Voor toewijzing van verdere rectificaties is geen aanleiding omdat BSI haar belang onvoldoende heeft onderbouwd. Gelet op het arbitragebeding dat in artikel 7.6 is opgenomen in de tussen partijen geldende distributieovereenkomst acht de voorzieningenrechter zich niet bevoegd om van de vorderingen in reconventie kennis te nemen. De vorderingen dienen in arbitrage te worden beslecht in Boston, met toepassing van de ICDR.

LS&R 1980

Leergang Intellectueel Eigendomsrecht start 2 november

Op 2 november start aan de VU de Leergang Intellectueel Eigendomsrecht. Van ongeautoriseerde internetdownloads en nieuwe content platforms tot investeringen in baanbrekende technologieën en marketing op basis van prestigieuze brands. Het recht van intellectueel eigendom doordringt de kenniscreatie, -overdracht en -benutting in het bedrijfsleven, bij de overheid, in scholen, universiteiten, musea en bibliotheken, en zelfs in het privéleven. Het bepaalt de spelregels voor eerlijke concurrentie en ordent de markt. Maar op welke manieren worden intellectuele eigendomsrechten eigenlijk verkregen? Hoe worden deze rechten geëxploiteerd en gehandhaafd? Hoe verstrekt de bescherming en handhaving van intellectueel eigendom zich uit in de analoge en de digitale wereld?
Lees verder >>

LS&R 1978

Vacature: Advocaat-medewerker Life Sciences Regulatory

Voor ons IP-team zijn wij op zoek naar een enthousiaste nieuwe collega voor de functie van

Advocaat-medewerker Life Sciences Regulatory

Over ons
Bird & Bird kent de Life Sciences sector als geen ander en rekent de grootste nationale en internationale farmaceutische en biotechnologische bedrijven tot haar cliënten. Life sciences regulatory is een steeds belangrijker onderdeel van onze praktijk, zowel nationaal als internationaal. De zaken zijn zeer uiteenlopend van aard en gaan onder meer over markttoelatingen, vestiging van bedrijven, overeenkomsten met zorgprofessionals, telemedicine, data en privacy, tot en met openbaarheid van EMA-dossiers en Brexit-issues. Veel zaken zijn een combinatie van regulatory, intellectuele eigendomsrecht en ondernemingsrecht. De praktijk bestaat zowel uit adviseren als procederen. Onze cliënten zijn veelal internationaal actief waardoor je in veel gevallen samenwerkt met collega's van buitenlandse Bird & Bird-kantoren. Om die samenwerking goed te bevorderen organiseert Bird & Bird internationale sector retreats. Zo leer je je buitenlandse collega’s persoonlijk kennen, deel je kennis en ervaringen en leer je nog meer over de regulatory praktijk in andere landen. Lees hier de volledige vacaturetekst.

LS&R 1977

Buitenlandse bevoegdheidsbeperking rechtvaardigt doorhaling BIG-registratie niet

Rechtbank Den Haag 16 jul 2021, LS&R 1977; ECLI:NL:RBDHA:2021:8131 (Eiser tegen minister van Medische Zorg), http://www.lsenr.nl/artikelen/buitenlandse-bevoegdheidsbeperking-rechtvaardigt-doorhaling-big-registratie-niet

Rechtbank Den Haag 16 juli 2021, IT 3615, LS&R 1977; ECLI:NL:RBDHA:2021:8131 (Eiser tegen minister van Medische Zorg) Eiser is als arts werkzaam in zijn eigen praktijk in het Verenigd Koninkrijk. Vanwege bepaalde gedragingen is eiser daar zijn bevoegdheid om het beroep van arts uit te oefenen tijdelijk geheel verloren voor een periode van twee maanden. Verweerder heeft deze Britse bevoegdheidsbeperking overgenomen en eisers inschrijving als arts - anders dan het advies van de bezwaarcommissie - in het BIG-register doorgehaald. Hiertegen komt eiser in beroep. De rechtbank verklaart het beroep gegrond en oordeelt dat verweerder niet aannemelijk heeft gemaakt waarom de patiëntenveiligheid in gevaar is. Ook zijn de gedragingen van eiser niet van zodanige aard, dat deze een doorhaling rechtvaardigen. 

LS&R 1976

Aanvraag full label MA is geen reële dreiging van inbreuk op octrooi

Rechtbank Amsterdam 16 jul 2021, LS&R 1976; ECLI:NL:RBAMS:2021:4049 (AbbVie tegen Alvotech), http://www.lsenr.nl/artikelen/aanvraag-full-label-ma-is-geen-re-le-dreiging-van-inbreuk-op-octrooi

Vzr. Rechtbank Amsterdam 16 juli 2021, IEF 20130, LS&R 1976; ECLI:NL:RBAMS:2021:4049 (AbbVie tegen Alvotech)  AbbVie is houder van een aantal medische octrooien voor medicijnen tegen reuma en de ziekte van Crohn. Alvotech heeft voor een biosimilar een handelsvergunning aangevraagd voor alle indicaties, waaronder de indicaties waar de octrooien van AbbVie op zien. AbbVie stelt dat een dreiging van een octrooi inbreuk reëel is, nu Alvotech zich in de media heeft uitgelaten over de verhandeling van de biosimilar. De voorzieningenrecht stelt AbbVie in het ongelijk, omdat het niet aannemelijk is dat Alvotech de octrooien niet zal respecteren. Een enkele aanvraag van een full label MA betekent nog niet dat de dreiging van onrechtmatig handelen reëel is.

LS&R 1975

8e editie Data, Cybersecurity & Privacy (DCSP) nu verkrijgbaar!

The magazine Data, Cybersecurity & Privacy (DCSP) edition number 8 has been published! Once again, an edition where many of your data, cybersecurity and privacy related questions will be answered. Soon also available online. What to expect:

Columns
Rob van den Hoven van Genderen about eHealth and the AI-regulation;
- Peter van Schelven about Secure Software Development and OWASP;
- Hans Schnitzler about ‘Datacracy’;
- Bernold Nieuwesteeg about the discussion about digital autonomy that must become part of the Dutch political debate.

LS&R 1974

Rechtbank Den Haag exclusief bevoegd vanwege specialistische kennis medisch octrooi

Rechtbank Gelderland 13 jan 2021, LS&R 1974; ECLI:NL:RBGEL:2021:3724 (RUMC tegen Glycostem), http://www.lsenr.nl/artikelen/rechtbank-den-haag-exclusief-bevoegd-vanwege-specialistische-kennis-medisch-octrooi

Rechtbank Gelderland 13 januari 2021, IEF 20121; ECLI:NL:RBGEL:2021:3724 (RUMC tegen Glycostem) RUMC is een academisch ziekenhuis dat deel uitmaakt van Radboud Universiteit en is houdster van internationale octrooiaanvraag voor en alternatieve methode voor het genereren en vermeerderen van NK-cellen, die ingezet kunnen worden bij de bestrijding van kanker. Glycostem is houdster van meerdere voor NK-cel technologie relevante octrooien. Partijen hebben vanaf 2005 samengewerkt op het gebied van NK-cellen en hebben hiertoe een Cooperation Agreement gesloten. Glycostem is van mening dat de samenwerking tussen RUMC en MWH Foundation onrechtmatig is ten aanzien van de door de Cooperation Agreement gegenereerde onderzoeksresultaten en dat hiermee inbreuk wordt gemaakt op het octrooi van Glycostem. In dit vonnis in incident is bepaald dat de rechtbank Gelderland onbevoegd is en dat de rechtbank Den Haag kennis dient te nemen van het geschil. Voor een inhoudelijke beoordeling over de vraag aan wie het octrooi toekomt, is namelijk specialistische kennis nodig, waarover de rechtbank Den Haag wel beschikt. 

LS&R 1973

Software als medisch hulpmiddel in het licht van de nieuwe MDR

Recentelijk publiceerde Louwers Advocaten drie verdiepende blogs over software als medisch hulpmiddel in het licht van de nieuwe Medical Device Regulation. Zij bespreken in de blogs in totaal 12 aandachtspunten voor softwareontwikkelaars.

Software als medisch hulpmiddel in het licht van de nieuwe MDR: 12 aandachtspunten voor ontwikkelaars
Op 26 mei 2021 was het eindelijk zo ver. Ruim vier jaar na de vaststelling werd de Verordening betreffende medische hulpmiddelen (EU 2017/745), beter bekend als de Medical Devices Regulation (‘MDR’), van toepassing. Dat het zolang duurde voordat de MDR van toepassing werd, kwam mede door de coronacrisis. Als gevolg daarvan werd besloten de MDR een jaar later in te laten gaan.

LS&R 1972

Uitblijvende betalingen niet verantwoordelijk voor faillissement

Hof Den Haag 20 apr 2021, LS&R 1972; ECLI:NL:GHDHA:2021:1237 (Leadd tegen Bayer), http://www.lsenr.nl/artikelen/uitblijvende-betalingen-niet-verantwoordelijk-voor-faillissement

Hof Den Haag 20 april 2021, LS&R 1972; ECLI:NL:GHDHA:2021:1237 (Leadd tegen Bayer) Leadd heeft in 1998 een licentie verstrekt aan de rechtsvoorganger van Bayer ten behoeve van onderzoek naar de werking van het eiwit Apoptin. In deze overeenkomst is een signing fee afgesproken en zijn tussentijdse betalingen afgesproken wanneer een belangrijke onderzoeksfase succesvol zou worden afgerond. Ook zijn er tussentijdse betalingen afgesproken wanneer een bepaalde deadline niet werd gehaald, zogenaamde irregular milestones. In 2003 is Leadd failliet gegaan. De curator vordert in deze zaak de nakoming van de verbintenis tussen Leadd en Bayer. Dit betreft meerdere milestones. Het hof stelt voorop dat op grond van de overeenkomst irregular milestones alleen verschuldigd zijn indien een concrete datum voor het bereiken van een milestone met meer dan 3 jaar wordt overschreden. Uiteindelijk wijst het hof de betaling van één milestone toe, maar vindt ze het niet aannemelijk dat Bayer een schadevergoeding verschuldigd is voor het veroorzaken van het faillissement van Leadd. 

LS&R 1971

Nieuwsbrief CGR

Nieuwsbrief van de Stichting Code Geneesmiddelen Reclame (CRG) bij de openbaarmaking van de financiële gegevens 2020 in het Transparantieregister Zorg.
Lees verder >>

LS&R 1970

Onvoldoende bewijs voor rationele farmacotherapie

Rechtbank Gelderland 30 jun 2021, LS&R 1970; ECLI:NL:RBGEL:2021:3407 (Eiser tegen VGZ), http://www.lsenr.nl/artikelen/onvoldoende-bewijs-voor-rationele-farmacotherapie

Rechtbank Gelderland 30 juni 2021, LS&R 1970; ECLI:NL:RBGEL:2021:3407 (Eiser tegen VGZ) Eiser heeft een zorgverzekering afgesloten bij VGZ. Eiser heeft al lange tijd huidproblemen en heeft daartoe met succes Betamethason crème met zwavel gebruikt. Deze crème is een niet-geregistreerd geneesmiddel dat door een apotheker werd bereid. VGZ vergoedde tot 1 maart 2015 de kosten hiervan. Eiser is hierna overgestapt op een andere crème zonder zwavel, maar dit middel werkt voor eiser niet. Geruime tijd later is aan eiser toegezegd dat er een uitzondering voor hem wordt gemaakt en dat de crème met zwavel vergoed zal worden. Eiser vordert in deze zaak de medische kosten die hij gemaakt heeft in de periode dat de crème met zwavel niet voor vergoeding in aanmerking kwam. Hij voert hiertoe aan dat gedurende deze tijd het middel kon worden aangemerkt als rationele farmacotherapie. De rechter gaat hier niet in mee, onder andere vanwege het feit dat uit brieven van de dermatoloog van eiser blijkt dat er geen overtuigend wetenschappelijk bewijs is voor de werking van het middel, maar dat het middel voor eiser wel werkt. Zodoende viel het middel niet onder de dekking van de zorgverzekering en is VGZ niet gehouden om de destijds gemaakte kosten te vergoeden. 

LS&R 1969

Najaarsagenda opleidingen

Voor de één is het zomerreces al begonnen, de ander is nog druk aan het werk. Bij deLex bereiden we rustig het nieuwe programma voor, om in september een vliegende start te maken met Entertainment en IE. Vanaf dan verwelkomen we u graag weer bij onze opleidingen!

Najaarsprogramma
- Donderdag 8 september: Entertainment en IE
- Dinsdag 5 oktober: Benelux Merkencongres 2021 deel 2
- Donderdag 7 oktober: Nederlands Octrooicongres 2021 deel 2

LS&R 1968

Finally a green light for the start of the UPC

Finally a green light for the start of the UPC – an analysis of the ruling by the Bundesverfassungsgericht and the remaining preparatory work.

On 23 June 2021 the German Constitutional Court (Bundesverfassungsgericht) issued an order rejecting the requests for a preliminary injunction against ratification of the Unified Patent Court (UPC) Agreement . The order was published on 9 July 2021 [IEF 20078] and immediately drew a lot of attention, because this removed the most important obstacle for the start of the UPC. In fact, the UPC will now almost certainly open for business by the end of 2022, or the beginning of 2023 at the latest.
I will first discuss the judgment of the German Constitutional Court and then briefly the next steps towards the start of the UPC.
Lees verder >>

LS&R 1966

Zorgverzekeraar mag geneesmiddelen met verschillende sterktes aanwijzen

Hoge Raad 9 jul 2021, LS&R 1966; ECLI:NL:HR:2021:1111 (Menzis tegen Goodlife), http://www.lsenr.nl/artikelen/zorgverzekeraar-mag-geneesmiddelen-met-verschillende-sterktes-aanwijzen

HR 9 juli 2021, LS&R 1966; ECLI:NL:HR:2021:1111 (Menzis tegen Goodlife)  Deze zaak gaat over de aanwijzingsbevoegdheid (het voorkeursbeleid) van zorgverzekeraars voor extramurale farmaceutische zorg op grond van het Besluit zorgverzekering. In het bijzonder gaat het in deze zaak over een geneesmiddel met de werkzame stof Colecalciferol, ook wel bekend als vitamine D. De twee laagste sterktes van dit middel zijn in 2019 uit het Geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS) gehaald, omdat het gaat om supplementen die lage kosten met zich mee brengen en voor de consument goedkoper op de vrije markt te verkrijgen zijn. Goodlife is leverancier van deze supplementen. Menzis is voornemens preferentiebeleid te voeren over alle overige Vitamine D producten. Goodlife vordert een verbod op dit preferentiebeleid. Dit verbod is eerder toegewezen door het hof. De Hoge Raad oordeelt nu dat een zorgverzekeraar de bevoegdheid heeft om een of meer geneesmiddelen met een of enkele van de verschillende sterktes van deze werkzame stof aan te wijzen en verwijst daarom de zaak terug naar het hof. 

LS&R 1967

Verantwoorde inzet van apps voor publieke gezondheid

Steeds vaker worden apps ingezet voor gezondheidsdoeleinden. Als de overheid apps wil gaan inzetten voor de publieke gezondheid, bijvoorbeeld in een bevolkingsonderzoek of bij de bestrijding van infectieziekten, moet zij ervoor zorgen dat ze verantwoord gebruikt kunnen worden. Om de betrouwbaarheid, veiligheid en toegankelijkheid te beoordelen van apps die zij wil inzetten, kan de overheid gebruikmaken van bestaande ethisch-juridische kaders. Wel is het zo dat het gebruik van apps nieuwe uitdagingen met zich meebrengt ten opzichte van meer klassieke methoden zoals een laboratoriumtest. Zo is de werking van apps vaak moeilijk te doorgronden doordat de technologie complex is. Dat maakt dat de effectiviteit moeilijker te beoordelen is en dat een app niet vanzelfsprekend door iedereen te gebruiken is. En door de grote hoeveelheden gegevens die apps kunnen opslaan ligt het risico op oneigenlijk gebruik of misbruik van persoonsgegevens op de loer, zeker wanneer een app gaandeweg ook voor andere doelen wordt ingezet. Om deze risico’s te minimaliseren heeft de Gezondheidsraad enkele criteria uit bestaande beoordelingskaders nader gespecificeerd.
Lees verder >