College van Beroep voor het Bedrijfsleven 29 jun 2026,, LS&R 2403; ECLI:NL:CBB:2026:248 ((De Bijenstichting tegen het Ctgb)), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/cbb-verlenging-toelating-gazelle-toegestaan-ondanks-nog-niet-uitgevoerde-trt-beoordeling-bij-bijen
CBb 4 juni 2026, LS&R 2403; ECLI:NL:CBB: 2026:248 (De Bijenstichting tegen het Ctgb). In deze zaak tussen De Bijenstichting en het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) staat de vraag centraal of het Ctgb de toelating van het gewasbeschermingsmiddel Gazelle mocht verlengen zonder een afzonderlijke beoordeling uit te voeren van de zogenoemde time-reinforced toxicity (TRT) voor bijen. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om schorsing van het verlengingsbesluit af, omdat het Ctgb op dit moment voldoende heeft gemotiveerd waarom een TRT-beoordeling nog niet kon worden uitgevoerd. Daarbij benadrukt de voorzieningenrechter dat de voorlopige‑voorzieningenprocedure zich naar haar aard niet leent voor een integrale beoordeling van de rechtmatigheid van de inhoudelijk complexe toelatingsbesluiten en dat slechts wordt ingegrepen indien, zonder diepgaand onderzoek, ernstig moet worden betwijfeld dat het besluit in bezwaar in stand zal blijven. De Bijenstichting maakte bezwaar tegen de verlenging van de toelating van Gazelle, een gewasbeschermingsmiddel met als werkzame stof acetamiprid, en tegen enkele procedurele verlengingen van daaraan gekoppelde parallelle handelsvergunningen. Volgens De Bijenstichting had het Ctgb de toelating niet mogen verlengen, omdat uit recente wetenschappelijke inzichten volgt dat acetamiprid bij bijen kan leiden tot time-reinforced toxicity: een schadelijk effect dat toeneemt naarmate de blootstelling langer duurt. De European Food Safety Authority (EFSA) heeft hiervoor in 2023 een nieuw richtsnoer opgesteld, waarin een TRT-beoordeling is opgenomen en waarvoor een rekentool beschikbaar is gesteld. Nu het Ctgb deze beoordeling niet had uitgevoerd, zou volgens De Bijenstichting niet zijn voldaan aan de eisen van Verordening (EG) nr. 1107/2009 (de Gewasbeschermingsverordening), in het bijzonder de artikelen 4, 29 en 43. Daarbij wees zij op rechtspraak van het Hof van Justitie waaruit volgt dat nationale autoriteiten hun beoordeling moeten baseren op de meest actuele en betrouwbare wetenschappelijke en technische kennis. Het Ctgb voerde aan dat bij de beoordeling van de verlenging wel degelijk gebruik is gemaakt van de meest actuele wetenschappelijke kennis voor zover deze op dit moment betrouwbaar kan worden toegepast. De chronische toxiciteit voor bijen is beoordeeld aan de hand van de bestaande Europese richtsnoeren uit 2002 en – voor zover mogelijk – 2013. Het nieuwe EFSA-richtsnoer uit 2023 is echter nog niet geïmplementeerd en de daarbij ontwikkelde TRT-rekentool bevindt zich nog in een bètaversie. Volgens het Ctgb kan op basis van deze onvoltooide rekentool nog geen betrouwbare risicobeoordeling worden uitgevoerd.