DOSSIERS
Alle dossiers

Diversen  

LS&R 2408

Rb. Gelderland: contractsvrijheid staat contracteerverplichting zorgverzekeraar in de weg

Rechtbank Gelderland 6 jul 2026,, LS&R 2408; ECLI:NL:RBGEL:2026:5079 (Morecare Clinics tegen VGZ), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/rb-gelderland-contractsvrijheid-staat-contracteerverplichting-zorgverzekeraar-in-de-weg

Rb. Gelderland 23 april 2026, LS&R 2408; ECLI:NL:RBGEL:2026:5079 (Morecare Clinics tegen VGZ). In deze zaak tussen MoreCare Clinics en VGZ staat de vraag centraal of VGZ verplicht kan worden een zorgovereenkomst te sluiten met MoreCare Clinics voor bariatrische zorg (de medische behandeling van ernstig overgewicht). MoreCare Clinics stelt dat VGZ met de weigering om te contracteren in strijd handelt met haar zorgplicht (artikel 11 Zorgverzekeringswet), het hinderpaalcriterium (artikel 13 Zorgverzekeringswet), de redelijkheid en billijkheid, de doelstellingen van het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). De voorzieningenrechter wijst de vorderingen af. Volgens de voorzieningenrechter brengt het stelsel van de Zorgverzekeringswet mee dat zorgverzekeraars in beginsel vrij zijn om te bepalen met welke zorgaanbieders zij een overeenkomst sluiten. MoreCare Clinics exploiteert een zelfstandig behandelcentrum voor bariatrische chirurgie. VGZ weigert al meerdere jaren een zorgovereenkomst aan te bieden, omdat haar inkoopbeleid voorschrijft dat alleen zorgaanbieders in een ziekenhuissetting met een intensive care op locatie worden gecontracteerd wanneer zij ook ASA 3-patiënten (patiënten met een ernstige systematische aandoeningen) opereren. MoreCare Clinics vindt dat dit beleid achterhaald is en wijst erop dat andere zorgverzekeraars, de relevante beroepsvereniging en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd geen bezwaar hebben tegen behandeling van deze patiëntengroep in haar kliniek. Volgens VGZ is het beleid bedoeld om de veiligheid van verzekerden te waarborgen. De voorzieningenrechter oordeelt dat VGZ in beginsel zelf haar inkoopbeleid mag bepalen, zolang dat objectief, transparant en niet-discriminerend wordt toegepast. In dit kort geding is onvoldoende aannemelijk geworden dat VGZ haar beleid inconsistent toepast of dat zij in redelijkheid niet tot dit beleid heeft kunnen komen. Voor een inhoudelijke beoordeling van de medische discussie over de behandeling van ASA 3-patiënten biedt deze procedure geen ruimte.

LS&R 1565

Position Paper voor rondetafelgesprek inzake zorgfusies

ACM 30 januari 2018, LSenR 1585; ACM/17/009041 (Zorgfusies) Via ACM: Het position paper over de effecten van ziekenhuisfusies is opgesteld ten behoeve van een rondetafelgesprek over zorgfusies voor de vaste commissie van VWS. Bij de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft op 29 januari 2018 een openbaar rondetafelgesprek over zorgfusies en in het bijzonder de fusie tussen VUmc en het AMC plaatsgevonden. In het rondetafelgesprek heeft de commissie met diverse vertegenwoordigers uit het veld en (ervarings)deskundigen gesproken over bovengenoemd onderwerp en de ontwikkelingen die er zijn op dit thema. Ron Kemp vertegenwoordigde de ACM in de sessie over de evaluatie van resultaten van fusies tot nu toe.

LS&R 1564

Van Woudenberg: ‘Nieuwe wet brengt medicijnen sneller bij patiënt’

In 2019 komt er Europese wetgeving, die het opstarten van klinisch onderzoek met geneesmiddelen moet vereenvoudigen én versnellen. Annelies van Woudenberg, projectleider bij de Dutch Clinical Research Foundation (DCRF), ziet kansen. Nu beoordelen EU-lidstaten klinisch geneesmiddelenonderzoek binnen hun landsgrenzen. De invoering van de European Clinical Trial Regulation (ECTR) zorgt ervoor dat EU-lidstaten gaan samenwerken bij het medisch-ethische beoordelingsproces van klinisch geneesmiddelenonderzoek. Dit zal het proces verkorten. De invoeringsdatum van de ECTR hangt af van de beschikbaarheid van een webportaal waarin straks alle gegevens van geneesmiddelenonderzoek worden ingevoerd. De Europese geneesmiddelenautoriteit EMA, verantwoordelijk voor de bouw van het portaal, gaat nog altijd uit van invoering in 2019. Lees verder

LS&R 1551

Hogan Lovells benoemt Hein van den Bos tot partner

Hogan Lovells heeft met ingang van 1 januari 2018 Hein van den Bos tot partner benoemd. Hein van den Bos (40) is werkzaam binnen de Life Sciences Regulatory praktijk van Hogan Lovells. Hij legt zich toe op Europese en Nederlandse regulering van de Life Sciences sector (geneesmiddelen, biotechnologie, medische hulpmiddelen en levensmiddelen). Hein staat ondernemingen bij op het gebied van onder meer toelating tot de EU markt, compliance, reclame en sponsoring, distributie, parallelimport, prijzen en zorgverzekeringen en medisch-wetenschappelijk onderzoek. Hein is in 2003 afgestudeerd in Nederlands recht aan de Rijksuniversiteit Groningen en in 2004 in Internationale Betrekkingen.

LS&R 1389

HvJ EU: Begrip voedingsmiddel of voedselingrediënt met een nieuwe molecuulstructuur

Hof van Justitie EU 9 nov 2016,, LS&R 1389; ECLI:EU:C:2016:839 (Davitas GmbH tegen Stadt Aschaffenburg), https://redactie-delex.cshark.nl/artikelen/hvj-eu-begrip-voedingsmiddel-of-voedselingredi-nt-met-een-nieuwe-molecuulstructuur

HvJ EU 9 november 2016, LS&R 1389; C-448/14 (Davitas GmbH tegen Stadt Aschaffenburg) Bescherming volksgezondheid. Voedingsmiddelen. Verzoekster Davitas GmbH krijgt bij beschikking van 8 juni 2013 door verweerster (Stad Aschaffenburg) een verbod opgelegd voor distributie van haar product ‘De Tox Forte’ dat een ingrediënt ‘Klinoptiloloth’ bevat dat nog geen EU-toelating als nieuw voedingsmiddel zou hebben verkregen. Het Bayerische Landesamt für Gesundheit und Lebensmittelsicherheit oordeelt dat Klinoptilolith in de EU moet worden beschouwd als een nieuw voedingsmiddel, omdat tot nog toe geen voldoende bewijzen konden worden voorgelegd voor een significante consumptie in de EU vóór 15 mei 1997. Verzoekster bestrijdt het standpunt van de rechter in beroep dat Klinoptilolith alleen al onder Vo. 258/97 valt omdat het in zijn bestaande molecuulstructuur tot dusver nog niet als voedingsmiddel werd gebruikt. Nu beantwoord het HvJ onder andere vraag of het bij het door verzoekster gedistribueerde product gaat om „De Tox Forte” om een voedingsmiddel of voedselingrediënt met een nieuwe molecuulstructuur.

HvJ EU: Art. 1 par. 2 letterlijk. C van Verordening (EG) nr. 258/97 van het Europees Parlement en de Raad van 27 januari 1997 betreffende nieuwe voedingsmiddelen en nieuwe voedselingrediënten moet aldus worden uitgelegd dat de term "nieuwe primaire moleculaire structuur" op voedingsmiddelen of voedselingrediënten zorgen dat die niet werden gebruikt voor menselijke consumptie.

LS&R 1173

Robots en Recht

Link
nvvir.pngLezing over Robots en Recht: Heb je affiniteit met informatierecht en ben je student of Young Professional op het terrein van informatietechnologie en recht? Kom dan naar de lezing over Robots en Recht! Erik Vollebregt en Rob van den Hoven van Genderen zullen o.a. spreken over robotics, healthcare, privacy en rechtspersoonlijkheid van autonome robots. Aansluitend zal een netwerk borrel plaatsvinden. Deze lezing wordt georganiseerd door NVvIR Jong, de jongerencommissie van de Nederlandse Vereniging voor Informatietechnologie en Recht.

Inschrijven: nvvir.jong@gmail.com. Vermeldt daarbij naam, emailadres, telefoonnummer en organisatie of universiteit inclusief studierichting. Na verwerking sturen ze een bevestiging van deelname welke tevens als toegangsbewijs dient.
Waar: De Brauw Blackstone Westbroek, Claude Debussylaan 80, 1082 MD Amsterdam
Wanneer: Vrijdag 18 september 2015, 14.45u - 19.00u.

LS&R 1152

Overgangsperiode nieuw toetsingskader niet-WMO-plichtig onderzoek verlengd

cgrlogo.pngUpdate [red.]: Overgangsperiode is verlengd, er is nog geen Keuringsraad of nieuw Toetsingskader niet-WMO-plichtig onderzoek. Van de website CGR: Ieder individueel niet-WMO-plichtig geneesmiddelenonderzoek dat wordt geïnitieerd door de farmaceutische industrie en start na 1 juli 2015 moet preventief ter toetsing worden aangeboden aan de Keuringsraad. Het Toetsingskader dient te worden gebruikt als aanvraagformulier.

De toetsingsaanvraag dient volgens de procedure van de adviesaanvraag per e-mail via cgr@cgr.nl te worden ingediend. De inhoudelijke toetsing van het onderzoek wordt uitgevoerd door daarvoor ingerichte adviescommissies. Op basis van deze toetsing brengt de Keuringsraad een advies uit aan de aanvrager. Het is de verantwoordelijkheid van de aanvrager om het niet-WMO-plichtig onderzoek met in achtneming van het advies uit te voeren. Indien het adviesoordeel negatief is, kan de aanvrager na aanpassing de onderzoeksopzet desgewenst opnieuw ter toetsing voorleggen.

De kosten voor de preventieve toetsing van niet-WMO-plichtig onderzoek zijn door de Keuringsraad vastgesteld op € 2.000 (excl. BTW). De Keuringsraad streeft ernaar om binnen 6 weken advies uit te brengen.

LS&R 1143

Internetconsultatie Besluit uitvoering Tabakswet en bijlage

Concept regeling wijziging van het Besluit uitvoering Tabakswet en de bijlage bij de Tabakswet i.v.m. Rl. 2014/40/EU - Concept nota van toelichting
2000px-No_smoking_symbol.svg.pngOp 26 februari 2014 heeft het Europees Parlement ingestemd met de nieuwe Tabaksproductenrichtlijn. Deze richtlijn beoogt het beter functioneren van de interne markt voor tabaksproducten en aanverwante producten, met als uitgangspunt een hoog niveau van bescherming van de volksgezondheid. Nederland is verplicht om de voorschriften uit de richtlijn uiterlijk 20 mei 2016 in te voeren. Met deze consultatieprocedure worden de belangrijkste keuzes die voortvloeien uit de richtlijn voorgelegd.