LS&R 1801

Duitse Bundesverfassungsgericht verklaart ratificatie van UPC-verdrag nietig

Het Duitse Bundesverfassungsgericht heeft de ratificatie van het Unified Patent Court Verdrag (UPC Verdrag) nietig verklaard. Het UPC Verdrag was in de Bondsdag aangenomen met een unanieme stemming van de 35 aanwezige leden. Het Bundesverfassungsgericht heeft echter bepaald dat dit moest gebeuren met tweederde van het totaal aantal leden – dit zijn er 709. De vraag is nu of er een nieuwe stemming komt in de Bondsdag en welke procedure daarvoor gevolg moet worden. Verder zijn de materiële klachten tegen UPC Verdrag niet-ontvankelijk verklaard.

Lees ook het artikel van Wouter Pors op Twobirds.com.

LS&R 1800

Tijdelijke regeling civiele dagvaardingszaken bij de hoven

In verband met de uitbraak van het coronavirus heeft de Rechtspraak een tijdelijk afwijkende regeling voor civiele dagvaardingszaken bij de hoven ingesteld (toepassing uitzonderingsbepaling artikel 1.18 LPR):
In afwijking van het Landelijk procesreglement voor civiele dagvaardingszaken bij de gerechtshoven gelden vanaf heden tot nader order de volgende afwijkingen. Voor het overige wordt het reglement onverkort toegepast.

1. Een verzoek om uitstel voor het verrichten van een proceshandeling wordt in beginsel altijd verleend. Bij bezwaar van de wederpartij beslist de rolraadsheer.

2. De minimumtermijn voor alle proceshandelingen bedraagt vier weken, dus ook de termijn voor fourneren wordt vier weken.

3. Als de proceshandeling waarvoor de zaak staat niet uiterlijk de dag na de roldatum is verricht, wordt ambtshalve vier weken uitstel verleend, ook zonder verzoek van partijen om uitstel en ook in het geval volgens het procesreglement geen uitstel kon worden verkregen. Verval van recht wordt niet uitgesproken.

4. Nieuwe zaken worden gewoon ingeschreven, ook bij een geringe overschrijding van de in art. 125 lid 2 Rv genoemde termijn voor indiening van de stukken ter griffie.

5. In spoedeisende zaken kan de rolraadsheer de afwijkingen buiten toepassing laten en de gewone regels van het procesreglement hanteren.

LS&R 1799

BOIP: nakoming van termijnen gedurende periode van maatschappelijke beperkingen door coronavirus

Na de door de Nederlandse regering aangekondigde beperkende maatregelen in verband met het coronavirus, zal BOIP met een uiterst minimale bezetting doorwerken. BOIP is zich er van bewust dat dit ook geldt voor alle IE-professionals en ondernemers die momenteel onderhanden zijnde verzoeken en procedures bij BOIP hebben. Onder deze omstandigheden heeft BOIP besloten:

1. Vanaf 16 maart 2020 tot aan het moment waarop er redelijkerwijs weer op normale wijze kan worden gewerkt door IE-professionals en ondernemers in de Benelux-landen, zal BOIP geen verzoeken of procedures intrekken omdat een gegeven termijn niet werd gerespecteerd. Dit geldt evenzeer voor niet tijdig ingediende oppositieprocedures of niet tijdig verrichte betalingen.

2. BOIP zal op basis van de sinds 16 maart 2020 opgedane ervaringen en de maatschappelijke ontwikkelingen vaststellen wanneer er redelijkerwijs weer op normale wijze kan worden gewerkt door IE-professionals en andere ondernemers in de Benelux-landen. BOIP zal hiervoor te zijner tijd een datum (“BAU-datum”) vaststellen en deze communiceren via een nieuwe mededeling van de Directeur-Generaal.

LS&R 1798

Klacht moeder tegen huisarts ongegrond verklaard

16 mrt 2020, LS&R 1798; ECLI:NL:TGZRAMS:2020:43 (Moeder tegen huisarts), http://www.lsenr.nl/artikelen/klacht-moeder-tegen-huisarts-ongegrond-verklaard

Regionaal tuchtcollege voor de gezondheidszorg 16 maart 2020, LS&R 1798; ECLI:NL:TGZRAMS:2020:43 (Moeder tegen huisarts) Klaagster is de moeder van een onverwachts op jonge leeftijd overleden vrouw. Zij verwijt de dienstdoende huisarts van de huisartsenpost, bij wie klaagster zes dagen voor haar overlijden op consult is geweest, onzorgvuldig en nalatig te hebben gehandeld. Meer in het bijzonder verwijt zij de huisarts de diagnose longembolie te hebben gemist. De huisarts van de HAP voert primair een niet-ontvankelijkheidsverweer, nu niet is gebleken dat de partner van de dochter van klaagster instemt met de door klaagster ingediende klacht. Secundair meent de huisarts niet onzorgvuldig te hebben gehandeld. Het niet-ontvankelijkheids-verweer van verweerder wordt verworpen, maar haar klacht wordt ongegrond verklaard.

LS&R 1797

Reactie Taylor Wessing op consultatie Beleidsnota: naar een mkb-vriendelijke Rijksoctrooiwet 1995

Taylor Wessing heeft gebruik gemaakt van de mogelijkheid om te reageren op de internetconsultatie van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat over de beleidsnota: naar een mkb-vriendelijke Rijksoctrooiwet 1995.
In de reactie bedient Taylor Wessing zich van een aantal statistieken. Zo blijkt uit de reactie dat mkb-ondernemingen structureel steeds minder vaak betrokken zijn bij octrooizaken (waar in 2010 nog in 67,5% van de gevallen een of meerdere mkb-ondernemingen partij waren bij een procedure, was dit in 2019 nog maar 19,4%). Daarnaast wordt inzichtelijk gemaakt hoe de doorlooptijden van de procedures zich bij de rechtbank en het hof in de afgelopen 10 jaar hebben ontwikkeld.

Lees hier de hele reactie van Wim Maas, David Mulder en Emma Jansen van Taylor Wessing.

LS&R 1795

BOIP: nakoming termijnen gedurende beperkingen door coronavirus

Na de door de Nederlandse regering aangekondigde beperkende maatregelen in verband met het coronavirus, zal BOIP met een uiterst minimale bezetting doorwerken. BOIP is zich er van bewust dat dit ook geldt voor alle IE-professionals en ondernemers die momenteel onderhanden zijnde verzoeken en procedures bij BOIP hebben. Onder deze omstandigheden heeft BOIP besloten:

1. Vanaf heden tot en met het einde van de opgelegde maatschappelijke beperkingen in de Benelux-landen, zal BOIP geen verzoeken of procedures intrekken omdat een gegeven termijn niet werd gerespecteerd.

2. Nadat deze periode is beëindigd zal er voor alle verzoeken en procedures waarvoor geldt dat de termijnen op dat moment zijn verstreken of deze op dat moment minder dan een maand bedragen, een extra termijn van een maand worden gegeven. Deze maand zal worden gerekend vanaf het moment dat er in de Benelux-landen geen maatschappelijke beperkingen meer gelden. BOIP zal te zijner tijd hiervoor een datum vaststellen en deze communiceren via een nieuwe mededeling van de Directeur Generaal.

3. BOIP is niet in staat voor alle individuele verzoeken en procedures een nieuwe termijn te communiceren. Deze mededeling treedt dan ook in plaats van mededelingen per specifiek geval.

LS&R 1794

Conclusie P-G in Fresenius tegen Eli Lilly

Hoge Raad 13 mrt 2020, LS&R 1794; ECLI:NL:PHR:2020:269 (Fresenius tegen Eli Lilly), http://www.lsenr.nl/artikelen/conclusie-p-g-in-fresenius-tegen-eli-lilly

HR Conclusie P-G 13 maart 2020, IEF 19082, LS&R 1794; ECLI:NL:PHR:2020:269 (Fresenius tegen Eli Lilly) Zie ook  [IEF 17690] en [IEF 18534]. Deze kort geding zaak ziet op de (equivalente) beschermingsomvang van Europees octrooi EP (NL) 1 313 508 (hierna: EP 508), waarvan Lilly de houdster is. Het tweede medische indicatie octrooi speelt een rol bij een combinatietherapie gehanteerd bij de behandeling van bepaalde longkankers. Het is de vraag of het claimen van het dinatrium zout van de werkzame stof pemetrexed (in anion-vorm), een antifolaat (gaat de vorming van kankercellen tegen), ook bescherming geeft tegen een generieke producent die met pemetrexed dizuur met thromethamine komt in de betreffende combinatietherapie tegen longkanker met vitamine B12 en optioneel foliumzuur. Die combinatie vermindert de toxische bijwerkingen van het antifolaat, zonder afbreuk te doen aan de werking van de werkzame stof.

Conclusie P-G:

De cassatieklachten zien op het beschermingsomvangsoordeel van EP 508, maar die slagen volgens mij niet. Zij vallen in hoge mate feitelijke beslissingen van het hof aan over hoe de gemiddelde vakman de geclaimde zoutvorm in EP 508 zal opvatten en volgens vaste rechtspraak in Nederland is die beoordeling voorbehouden aan het hof als feitenrechter. De aangevallen voorlopige oordelen zijn in lijn met de meerderheid van andere inmiddels gedane rechterlijke uitspraken in binnen- en buitenland over de beschermingsomvang van EP 508.

 

LS&R 1793

Bewijsopdracht gebruik software na bepaalde datum

28 feb 2020, LS&R 1793; ECLI:NL:RBGEL:2020:1345 (Lizard Apps tegen Haerst c.s.), http://www.lsenr.nl/artikelen/bewijsopdracht-gebruik-software-na-bepaalde-datum

Rechtbank Gelderland 28 februari 2020, IT 3063, LS&R; ECLI:NL:RBGEL:2020:1345 (Lizard Apps tegen Haerst c.s.) Lizard Apps is een jong IT-bedrijf en houdt zich onder andere bezig met het ontwikkelen van software. Haerst houdt zich bezig met videotechnologie en diagnostiek. Lizard Apps sluit met Haerst een samenwerkingsovereenkomst met het oog op de ontwikkeling van een diagnostische camera voor toepassing in de psychiatrie. In opdracht van Haerst heeft Lizard Apps de software voor de camera ontwikkeld. De zogenoemde Fases 0 en 1 van het project zijn door Lizard Apps uitgevoerd en opgeleverd en de camera wordt ook toegepast in de praktijk. Tijdens Fase 2 zijn problemen ontstaan, waarna Haerst de samenwerking heeft opgezegd.

LS&R 1792

Nederlands Octrooicongres

Op dinsdag 9 juni organiseert deLex voor de 12e keer het Nederlandse octrooicongres.
Ook dit jaar wordt het inhoudelijk programma samengesteld door Gertjan Kuipers (De Brauw Blackstone Westbroek) en Peter Blok (CIER, Gerechtshof Den Haag).

Meer informatie volgt binnenkort!

LS&R 1789

Prejudiciële vragen over levering geneesmiddelen aan ziektekostenverzekeraar

Buitenlandse gerechten , LS&R 1789; (Firma Z), http://www.lsenr.nl/artikelen/prejudici-le-vragen-over-levering-geneesmiddelen-aan-ziektekostenverzekeraar

Bundesfinanzhof Duitsland 6 juni 2019, LS&R 1789; C-802/19 (Firma Z) Via MinBuza. Verzoekster heeft vanuit Nederland geneesmiddelen geleverd aan Duitsland. De leveringen heeft verzoekster in rekening gebracht bij de wettelijke ziektekostenverzekeraars. Zij ging er vanuit dat de plaats van levering Nederland was, dat zij gebruik kon maken van de vrijstelling voor intracommunautaire leveringen. Voorts ging zij er vanuit dat de ziektekostenverzekeraars op intracommunautaire verwervingen binnenlandse belasting moesten betalen. Bovendien ging zij ervan uit dat de door haar gegeven prijskortingen de maatstaf van heffing voor btw hadden verlaagd. De Duitse belastingdienst ging niet mee in het standpunt van verzoekster en stelde een aanslag vast; het bezwaar van verzoekster werd afgewezen. Verzoekster heeft beroep in Revision ingesteld waarbij zij in het bijzonder aanvoert dat zij op grond van het arrest van het Hof Elida Gibbs (C-317/94), recht heeft op een belastingcorrectie op grond van een verlaging van de tegenprestatie.

LS&R 1788

NVvIR Jong organiseert event over health-tech

NVvIR Jong nodigt je uit voor haar event over health-tech op vrijdag 6 maart bij Van Doorne in Amsterdam.  

De volgende experts zullen een presentatie houden:
• Sonja van Harten - Senior Privacy Officer & Legal Counsel bij Philips
• Lot Wagemakers - Legal Counsel bij Pacmed  

Om 15:15 uur starten we met het programma. Om 17:30 uur zullen we de middag afsluiten met een borrel om na te praten over dit onderwerp!

Ben jij er ook bij? Meld je snel aan of mail naar nvvir.jong@gmail.com.

LS&R 1787

Verzoek handhaving AVG bij AP afgewezen

10 jan 2020, LS&R 1787; ECLI:NL:RBMNE:2020:74 (eiseres tegen Autoriteit Persoonsgegevens), http://www.lsenr.nl/artikelen/verzoek-handhaving-avg-bij-ap-afgewezen
Autoriteit persoonsgegevens

Rechtbank Midden-Nederland 10 januari 2020, IT 3041, LS&R 1787; ECLI:NL:RBMNE:2020:74 (eiseres tegen Autoriteit Persoonsgegevens) Eiseres is een natuurlijk persoon die zich in het geding inzet voor bescherming van bijzondere persoonsgegevens en verweerder is de Autoriteit Persoonsgegevens. Eiseres heeft verweerder verzocht om handhavend op te treden tegen apothekers vanwege onterechte aanmelding van patiënten in het landelijk schakelpunt (“lsp”). In een nadere procedure (UTR 19/608) richt zij zich tot VZVZ als beheerder van het lsp. In het lsp worden persoonsgegevens (namelijk het bsn van een persoon) verwerkt. Dit kan alleen als daarvoor uitdrukkelijk toestemming door die persoon is gegeven op basis van juiste informatie. Eiseres heeft een aantal folders en toestemmingsformulieren overgelegd waaruit volgens haar blijkt dat apothekers patiënten niet goed voorlichten, waarmee hun toestemming niet rechtsgeldig zou zijn.

LS&R 1786

E-screener is een rechtmatig instrument van de Staat

Rechtbank Den Haag 11 feb 2020, LS&R 1786; ECLI:NL:RBDHA:2020:1013 (eisers tegen de Staat), http://www.lsenr.nl/artikelen/e-screener-is-een-rechtmatig-instrument-van-de-staat

Vzr. Rechtbank Den Haag 11 februari 2020, IT 3032, LS&R 1786; ECLI:NL:RBDHA:2020:1013 (Eisers tegen de Staat) De Jagersvereniging, eerste eiser in het geding, heeft, onder meer, als doel het behartigen van de belangen van haar leden voor zover verband houdende met jacht, faunabeheer en schadebestrijding en het mogelijk maken van jacht door haar leden in de ruimste zin van het woord. De KNSA, tweede eiser in het geding, heeft, onder meer, als doel het behartigen van de belangen van de schietsport in de meest algemene zin. Daarnaast zijn eiser drie tot en met vijf allen in bezit van jachtaktes. In Nederland is het bezit van vuurwapens alleen toegestaan bij bezit van wapenverlof of jachtakte.

LS&R 1785

Tjibbe Douma en Alexandra Michel over de conclusie AG in de CJEU Santen-zaak

Will Neurim be a "rare wild animal"?
CJEU’s AG again tries to persuade the CJEU to abandon its famous SPC decision in Neurim, this time in Santen.

The Opinion is currently only available in a limited number of languages including French. The Opinion was eagerly awaited by those wanting to know whether after Neurim and after Abraxis an SPC can be obtained for a new indication of an old active ingredient. The AG primarily proposes to essentially abandon Neurim and treat this as an exceptional case (a new human indication following a first veterinary indication): a rare wild animal which should never surface again. Only alternatively, does the AG propose a balanced interpretation of Neurim in response to the questions posed. In that case an SPC can be obtained for a new therapeutic indication for an old active ingredient or relate to a use of that active ingredient, in which it should exert a new pharmacological, immunological or metabolic action of its own.

Lees hier het hele artikel van Tjibbe Douma en Alexandra Michel.

LS&R 1784

Vorderingen inzage afgewezen

21 jan 2020, LS&R 1784; ECLI:NL:RBMNE:2020:214 (VUB c.s. tegen QVQ), http://www.lsenr.nl/artikelen/vorderingen-inzage-afgewezen

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 21 januari 2020, IEF 18996, LS&R 1784, IEFbe 3033; ECLI:NL:RBMNE:2020:214 (VUB c.s. tegen QVQ) Vrije Universiteit Brussel (hierna: VUB) is houdster van de basis octrooifamilie voor de zware-keten antilichamen, de VHH’s (hierna: de Hamers-octrooien). Ablynx is een biofarmaceutisch bedrijf en tevens eigenaar van een sublicentie voor de Hamers-octrooien met het doel de Nanobody technologie te kunnen exploiteren voor medische toepassingen. QVQ is een serviceonderneming die zich bezighoudt met het ontwikkelen en produceren van VHH’s voor andere ondernemingen op het gebied van medische producten, farmaceutische processen en voeding.

LS&R 1783

Terugbetalingsregeling van Boehringer Ingelheim is ontoelaatbaar

Rechtbank Midden-Nederland 29 jan 2020, LS&R 1783; ECLI:NL:RBMNE:2020:295 (Novo Nordisk tegen Boehringer Ingelheim), http://www.lsenr.nl/artikelen/terugbetalingsregeling-van-boehringer-ingelheim-is-ontoelaatbaar

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 29 januari 2020, LS&R 1783, RB 3378; ECLI:NL:RBMNE:2020:295 (Novo Nordisk tegen Boehringer Ingelheim) Novo Nordisk en Boehringer Ingelheim zijn producenten van geneesmiddelen en brengen allebei geregistreerde geneesmiddelen voor de behandeling van diabetes type 2 op de Nederlandse markt. Het draait in deze zaak om de beantwoording van de vraag of de terugbetalingsregeling van Boehringer Ingelheim toelaatbaar is. Geoordeeld wordt dat dit niet zo is. De terugbetalingsregeling van Boehringer Ingelheim moet worden aangemerkt als reclame in de zin van de Geneesmiddelenwet. Het is op grond van artikel 84 lid 3 Geneesmiddelenwet verboden om reclame te maken die het rationele gebruik van een geneesmiddel niet bevordert wegens het ontbreken van een objectieve voorstelling van zaken. Boehringer Ingelheim heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hun reclame is gebaseerd op rationele gronden, waardoor hun reclame over de terugbetalingsregeling ontoelaatbaar is.

LS&R 1782

HvJ EU verduidelijkt criteria farmaceutisch octrooi in mededingingsrecht

Hof van Justitie EU 30 jan 2020, LS&R 1782; ECLI:EU:C:2020:52 (Generics UK e.a.), http://www.lsenr.nl/artikelen/hvj-eu-verduidelijkt-criteria-farmaceutisch-octrooi-in-mededingingsrecht
hamer CC0

HvJ EU 30 januari 2020, IEF 18991, LS&R 1782, IEFbe 3032; ECLI:EU:C:2020:52 (Generics UK e.a.) De Competition Appeal Tribunal heeft het Hof een prejudiciële vraag gesteld over de wettigheid van een besluit van de Competition and Markets Authority betreffende overeenkomsten tot schikking van een octrooigeschil gericht aan een aantal fabrikanten van generieke geneesmiddelen en aan de farmaceutische groep GlaxoSmithKline (hierna: GSK). Samenvattend gaan de vragen over de criteria aan de hand waarvan beoordeeld kan worden of een overeenkomst tot schikking van een geschil tussen de houder van een farmaceutisch octrooi en een fabrikant van generieke geneesmiddelen in strijd is met het mededingingsrecht van de Unie.